Vele miljoenen tussen 1989 en 1993; ABN Amro hielp bij 'witten' cocaÔnegeld



Door onze redacteur MARCEL HAENEN



DEN HAAG, 7 JAN. De ABN Amro-bank heeft tussen 1989 en 1993 tientallen miljoenen guldens helpen witwassen die volgens Justitie afkomstig waren van het Surinaamse drugskartel.



Met signalen van ABN-filialen die vermoedden diensten te leveren aan 'drugsbaronnen' werd volgens interne rapporten niets gedaan.
De afdeling bedrijfsbeveiliging reageerde "langzaam of helemaal niet".



Uit onderzoek van het speciale zogeheten Copa-team van de Haagse politie - dat al een paar jaar bezig is vooral het financiŽle verkeer van Surinaamse cocaÔne handelaren in kaart te brengen - is gebleken dat het witwassen en verdelen van de drugsopbrengsten van het kartel wordt geregeld door zes Hindoestaanse zakenlieden. Een van hen is volgens justitie de in Rotterdam wonende handelaar M.B.M..



Uit analyse van administratieve bescheiden die vorig jaar na wereldwijde huiszoekingen bij verdachten en banken in beslag zijn genomen, blijkt dat alleen al deze verdachte tussen 1989 en 1993 negentig miljoen gulden kasstortingen deed bij twee ABN-filialen in Rotterdam. Van het geld werd voor minimaal dertig miljoen gulden aan cheques aan toonder gekocht. Deze werden vervolgens door Colombiaanse, Surinaamse en Braziliaanse leveranciers ter inning aangeboden bij het ABN-kantoor in Panama of bij zogeheten correspondent-banken waarmee de ABN een rekening-courant verhouding aanhoudt.



Uit bankstukken blijkt dat employťs klaagden over de aankoop van cheques, omdat deze "in de wereld van de criminaliteit een veelvuldig gebruikt betaalmedium" zijn, zoals M.J. Drabbe, lid van de Raad van Bestuur, op 25 september 1992 schreef aan ABN-topman Hazelhoff. Op klachten werd volgens verscheidene medewerkers niets ondernomen, omdat de afdeling bedrijfsbeveiliging zich op het formele standpunt stelde dat er niets gebeurde dat in strijd was met de wet.



De ABN besloot pas echt te onderzoeken wat er aan de hand was na aandringen van P.H. Scharringa, manager van het ABN-kantoor in Panama, in 1992. Hij is volgens ABN-medewerker W. Merkelbag "de helft van zijn tijd kwijt" met het weren van drugshandelaren die zich bij hem melden met cheques die door ABN-collega's in Nederland zijn verstrekt.



Adjunct-directeur en woordvoerder R. Hoek van de ABN Amro ontkent desgevraagd dat medewerkers gelijk hebben met hun klacht over het niet of te traag werken van de afdeling bedrijfsbeveiliging. De eerste serieuze signalen dat men zaken deed met het Surinaamse drugskartel zou de bank pas in de loop van 1992 hebben ontvangen. Na onderzoek werd de bankrelatie met de verdachte cliŽnten in januari 1993 beŽindigd.



Dat het ruim drie jaar duurde voordat de bank verdachte cliŽnten ook als zodanig herkende en besloot hen te weren, moet volgens Hoek gezien worden tegen de achtergrond van die tijd. "Dit was onze eerste witwaszaak van internationaal niveau. Het beŽindigen van de relatie ging trager dan het vandaag zou gaan. Maar dat komt omdat de kennis en de 'awareness' over witwassen nu veel groter is dan in 1992."



De bank zegt sinds 1993 alleen nog maar cheques aan toonder te geven aan personen wier "standing en moraliteit boven elke twijfel verheven is".