Reuzenmeteorieten komen allemaal van één grote planetoïde


George Beekman

artikel | Zaterdag 15-09-2007 | Sectie: Overig | Pagina: 51 | George Beekman

De meeste reuzenmeteorieten die in de afgelopen honderd miljoen jaar op aarde vielen, waren afkomstig van één grote planetoïde die lange tijd daarvoor als gevolg van een zware botsing in duizenden stukken uiteen was gevallen. Dat blijkt uit onderzoek van astronomen in Boulder (VS) en Praag dat in Nature (6 september) is gepubliceerd. Er is een grote kans dat één van deze fragmenten 65 miljoen jaar geleden de Chicxulubkrater veroorzaakte: de 180 kilometer grote inslagkrater onder Yucatán, in Mexico, die in verband wordt gebracht met het massaal uitsterven van vele levensvormen aan het einde van het Krijt-tijdperk en het begin van het Tertiair.

De aarde wordt wordt al sinds haar ontstaan, ongeveer 4,6 miljard jaar geleden, belaagd door objecten van allerlei afmetingen die uit het gebied tussen de banen van Mars en Jupiter komen. Dat blijkt uit de vele grote meteorietkraters die op onze planeet worden gevonden. Recent onderzoek naar de frequentie van deze inslagen - en naar de aanwezigheid van buitenaards materiaal in sedimenten op de zeebodem - wijst er op dat dit bombardement in de afgelopen honderd miljoen jaar een factor twee tot misschien wel vier zo intens was als daarvoor. Ook de ouderdom van de inslagkraters op de maan wijst op minstens een verdubbeling in het geologisch recente verleden.

William Bottke en zijn collegas hebben deze toename nu in verband weten te brengen met een familie van planetoïden die - naar hun 40 kilometer grote aanvoerder - de Baptistinafamilie wordt genoemd. De banen van deze planetoïden vertonen bepaalde overeenkomsten en door die banen terug te rekenen konden de astronomen vaststellen dat zij zich ongeveer 160 miljoen jaar geleden in hetzelfde deel van de planetoïdengordel moeten hebben bevonden. Dat wijst er op dat al deze planetoïden toen één object met een diameter van ongeveer 170 kilometer kunnen hebben gevormd.

Deze oerplanetoïde zou door een botsing met een andere, 60 kilometer grote planetoïde uiteen zijn gevallen, waarna door verdere onderlinge botsingen steeds meer fragmenten ontstonden. Op den duur werden die door de storende invloed van vooral Jupiter naar de binnendelen van het zonnestelsel gedirigeerd, waar een deel in de loop van tientallen miljoenen jaren tegen Mars, de aarde en Venus botste. Een tien kilometer groot fragment zou de reusachtige Chicxulubkrater in Mexico kunnen hebben veroorzaakt en ook de opvallende, grote maankrater Tycho zou door een lid van de Baptistinafamilie kunnen zijn gevormd.