datum: 10-02-1994 | sectie: Wetenschap en Onderwijs | pagina: 2

De evolutie van een oase in de ruimte

George Beekman
Aarde en Leven. Harry N.A. Priem. 63 blz., tweetalig, geïll., Wolters Kluwer 1993, f. 8,50 (of f. 11,50 via girorekening

2106 t.n.v. Artis Planetarium Amsterdam). ISBN 0 7923 2370 X

Artis staat al een aantal jaren niet alleen meer voor dieren en planten. Sinds 1988 is er een Planetarium en sinds 1992 een Geologisch Museum. Curator van dit laatste is Harry N.A. Priem, tevens hoogleraar in de planetaire geologie en isotopen-geologie aan de universiteit van Utrecht. In het boekje Aarde en Leven behandelt hij in vogelvlucht de onderlinge afhankelijkheid van en wisselwerking tussen de dode en de levende natuur in de loop van de aardgeschiedenis.

De aarde ontstond ongeveer 4,5 miljard jaar geleden en al een half miljard jaar later verschenen de eerste levensvormen:

ééncellige organismen. Hoe die zijn ontstaan is nog volstrekt onduidelijk. Het lijkt onwaarschijnlijk dat zelfs de allereenvoudigste cel zou kunnen voortkomen uit een reeks toevallige chemische reacties. Misschien heeft een soort universeel mechanisme van 'zelf-organisatie' een rol gespeeld. Dit zou dan betekenen dat het leven niet uniek is voor de aarde.

Tussen 3,0 en 2,5 miljard jaar geleden vonden er op aarde ingrijpende veranderingen plaats. Processen in de aarde brachten een drastische uitbreiding van de landmassa's teweeg, waardoor de oude oceanische aarde veranderde in de moderne aarde met haar verdeling van water en land. Daarbij nam ook het oppervlak van de ondiepe zeeën langs de continenten toe, die in biologisch opzicht het meest vruchtbare mariene milieu vormden (en dat nog steeds doen).



Er trad een versnelling op in de evolutie van het zeeleven, wat tenslotte leidde tot de komst van eencellige organismen met een celkern. De hoeveelheid zuurstof in de atmosfeer nam toe en ongeveer 470 miljoen jaar geleden was het hoog genoeg om plantaardig leven op het land mogelijk te maken. Dit leven dreef het zuurstofniveau verder omhoog, waardoor zich in de

stratosfeer een ozonlaag kon vormen die de schadelijke ultraviolette straling van de zon ging tegen houden. Toen kon ook het dierlijke leven zich snel op het land gaan ontwikkelen.



Al dit leven bracht ingrijpende veranderingen teweeg in de erosieprocessen op aarde en in de manieren waarop atmosfeer, biosfeer, land en en water op elkaar inwerken. Sinds die tijd zijn de levende en de dode natuur onlosmakelijk met elkaar

verbonden. Kleine veranderingen in het ene milieu werken op de een of andere manier door in het andere milieu. De levende en dode natuur vormen tezamen een wijdvertakt systeem dat men in zijn fuctioneren zou kunnen vergelijken met een levend

systeem, een soort 'superorganisme'
. Het is een interessante filosofische vraag of men aan dit systeem, ook wel Gaia geheten, een actieve of passieve rol moet toekennen.



Waterloos



Het is eigenlijk heel opmerkelijk dat de aarde zo gastvrij is voor het leven, terwijl de twee buurplaneten Venus en Mars juist zo levensvijandig zijn. Venus is waterloos en méér dan kokend heet en Mars is vrijwel atmosfeerloos en ijskoud. Op beide ontbreekt bovendien stromend water. Kleine verschillen in massa en in afstand tot de zon kunnen blijkbaar totaal verschillende werelden doen ontstaan.



Het meest verbazingwekkende is misschien wel het feit dat de aardse 'oase' zich die 4 miljard jaar heeft weten te handhaven. In de loop der eonen is de zon wat feller gaan schijnen, maar zijn zijn er ook wereldwijde koudeperioden (IJstijden) geweest.

En om de zoveel tijd werd de aarde getroffen door een reusachtig rotsblok uit de ruimte (een planetoïde of meteoriet), dat zo'n milieuramp veroorzaakte dat een (groot) aantal soorten uitstierven. Het leven als geheel heeft al deze ontberingen echter weten te doorstaan en in feite hebben zij mede de richting van de evolutie bepaald.



Aan het slot van dit boekje gaat de auteur kort in op de invloed van de mens op het 'systeem Aarde'. De mens is pas een paar miljoen jaar geleden in dit systeem verschenen, maar is naar geologische maatstaven snel een steeds storender factor

gaan worden. Volgens Priem is echter het voortbestaan van ons unieke planetaire systeem niet in gevaar: Gaia is een robuust systeem dat zich niet gemakkelijk laat vernietigen. Wel bestaat het gevaar dat de mens het systeem zodanig verstoort, dat hij het slachtoffer wordt van Gaia's 'afweermaatregelen'.



In Aarde en Leven wordt een groot aantal recente inzichten in de samenhang tussen dode en levende natuur beknopt en helder beschreven. Het boekje bevat aan het slot een verklarende woordenlijst en suggesties voor verdere literatuur. Storend

is dat telkens de linker bladzijde Nederlandse tekst bevat en de rechter Engelse tekst. Lezen is zo'n automatisme, dat het moeilijk is om na de laatste regel linksonder niet automatisch over te springen naar de eerste regel rechtsboven.



Onderschrift:

Foto: Droge rivierdalen op Mars wijzen er op dat in een ver verleden een overvloed van water was dat

vrijelijk over het oppervlak stroomde.

Persoon:

Harry N.a. Priem