toekomst van het heelal 29/1/1998 govert schilling

Perlmutter wil supernova's -zo veel en zo ver als maar kan. En nu stromen ze binnen. Binnen een jaar hoopt hij daarmee het verleden n de toekomst van het heelal te kennen.

De voorlopige conclusie luidt dat het heelal voorgoed blijft uitdijen. Met de komst van het nieuwe millennium zullen we zeker weten of het heelal het euwige leven heeft.

het heelal bevat te weinig materie, en dus te weinig zwaartekracht, om de huidige uitdijing ooit tot stilstand te brengen. De lange-termijnverwachting is dan leegte, koude en duisternis: de
big freeze

In een zwaar heelal komt de clustervorming dus pas laat op gang, maar als de materie dichtheid laag is kan er veel sneller een verdichting tot 'stand komen. In een 'licht' heelal verwacht je dus wl clusters te zien op grote afstanden. De clusters waarnaar Bahcall op zoek ging, bleken inderdaad te bestaan. Conclusie: de clustervorming was een paar miljard jaar na de oerknal al op gang gekomen, en dat betekent dat de gemiddelde materie-dichtheid van het heelal nooit er ghoog kan ziin. En daarmee ligt ook de toekomst van het heelal vast: eeuwige uitdijing.

toekomst van de kosmos achterhaald door supernova's te bestuderen: gigantische sterexplosies, die zo helder zijn dat e op afstanden van miljarden lichtjarenkunnen worden waaargenomen.

Beide kosmologen richten zich vervolgens op de roodverschuiving in het licht van de supernova. Dat licht is miljarden jaren onderweg geweest naar de aarde, en al die tijd is het heelal verder uitgedijd. Als gevolg daarvan zijn de lichtgolven 'uitge- rekt', zodat de straling met een landere (rodere) golflengte op aarde aankomt dan waar ze mee vertrok: Hoe langer het licht onderweg is geweest, des te groter is die roodverschuiving.

Als je nu maar voor voldoende supernova's de afstand en de roodverschuiving kunt meten, is het precieze verband tussen die twee grootheden te bepalen, en op grond daarvan de mate waarin de uitdijing van het heelal wordt afgeremd. En daarmee ligt ook de toekomst vast. Perlmutter en Garnavich komen langs die weg tot dezelfde conclusie: de uitdijing van het heelal is 'in de afgelopen paar miljard jaar nauwelijks afgeremd. Dat betekent dat dat ook in de toekomst niet zal ge beuren: de invloed van de zwaartekracht wordt immers steeds kleiner
naarmate het heelal verder uitdijt.