Ellen de Bruin

Webtijdschrift 'The Edge' is op zoek naar schokkendewetenschappelijke ideeŽn

Webtijdschrift The Edge vroeg 119 wetenschappers naar 'gevaarlijkeideeŽn'. Wat als de werkelijkheid toch niet is wat we denken? Ellen deBruin

Toen Copernicus in 1543 beweerde dat de aarde niet het middelpunt vanhet heelal is, was dat een gevaarlijk idee. Niet voor hem - hij publiceerdeDe Revolutionibus Orbium Coelestium vanaf zijn sterfbed, en de katholiekekerk reageerde pas echt chagrijnig toen Galileo Galilei de theorie een eeuwlater verder onderbouwde. Maar Copernicus' denkbeeld wordt nu algemeengezien als de eerste les in nederigheid voor de moderne mens. Drie eeuwenlater kwam Charles Darwin met de tweede les: het idee dat mensen, net alsandere dieren, geŽvolueerd zijn uit primitievere soorten. Mensen zijn niethet centrum van alles, we hebben geen uitverkoren positie.

De ideeŽn van Copernicus en Darwin waren gevaarlijk, in hun tijd, omdatze aannemelijk maakten dat er geen god is die ons naar zijn evenbeeldgeschapen en op een centrale plek gezet heeft. Ze ondermijnden de machtigepositie van de kerk in de samenleving, die daarvoor onaantastbaar leek, entrokken daarmee ook de morele gedragsregels uit de bijbel in twijfel: hetwas niet meer glashelder hoe een mens wel en niet hoort te leven.

Zijn er nu nog zulke wereldschokkende, gevaarlijke ideeŽn denkbaar -ontdekkingen die, als ze waar zouden zijn, in sociaal, moreel of emotioneelopzicht een enorme schok in de samenleving teweeg zouden brengen? Hetwebtijdschrift The Edge (www.edge.org) legde deze vraag voor aan 119 vande vooraanstaande wetenschappers en wetenschappelijk gezinde 'denkers' dieregelmatig aan deze 'internetsalon' deelnemen. The Edge stelt jaarlijkszo'n wetenschappelijke of wetenschapsfilosofische kwestie aan de orde, ditjaar voor de negende keer. De eerste vraag, in januari 1998, luiddebijvoorbeeld 'welke vragen stelt u zichzelf?'; na 9/11 was de vraag 'watnu?', en de 120 antwoorden op de vraag van vorig jaar, 'van welk idee denktu dat het waar is, terwijl u het niet kunt bewijzen?', zijn zojuist inboekvorm verschenen (What We Believe But Cannot Prove: Today's LeadingThinkers on Science in the Age of Certainty), met een voorwoord vanschrijver Ian McEwan.

'The Edge Annual Question 2006' werd bedacht door psycholoog StevenPinker. Zijn eigen gevaarlijke idee is dat er genetische verschillen kunnenworden aangetoond tussen groepen mensen als het gaat om waar ze goed inzijn en wat ze belangrijk vinden in het leven. Zulke verschillen bestaaninderdaad, mannen hebben gemiddeld andere talenten en prioriteiten danvrouwen. Er zijn zelfs wetenschappers die beweren dat joden genetischintelligenter en zwarten genetisch dommer zijn dan arische westerlingen,aldus Pinker, en hoewel de bewijzen daarvoor zwak zijn, zal het niet langmeer duren voordat zulke uitspraken echt goed getest kunnen worden - metmogelijk alle maatschappelijke gevolgen van dien. Drie soorten

Over het algemeen zien de 119 denkers drie soorten gevaar: eenintellectueel gevaar (de wereld blijkt heel anders dan we nu denken), eensociaal/moreel gevaar (dat de wetenschap bewijst dat er geen vrije wilbestaat, of dat God wŤl bestaat) en natuurlijk het totale gevaar (algehelevernietiging van de mensheid, bijvoorbeeld door een nieuwe bom).


Onder het eerste type vallen de onschuldigste gevaarlijke ideeŽn,ideeŽn waarin vooral wetenschappers of de naÔeve wetenschapper in elk vanons het ziet. Wat als het universum waarin we leven fundamenteelonbegrijpelijk is voor mensen en we komen daar nooit achter? Wat als tijdniet bestaat? Wat als de kosmologische constante (die later is toegevoegdaan de vergelijkingen in Einsteins algemene relativiteitstheorie omdatanders het heelal niet stabiel kan zijn) niet constant is? Wat als 'donkereenergie', ook een manier van natuurkundigen om het steeds sneller uitdijenvan het heelal te verklaren, niet bestaat? Wat als de natuurwetten alleenvoor ons opgaan, en dat we ze daardoor ontdekt hebben? Wat als er nog veelmeer universums zijn, waar andere natuurwetten bestaan?

Het doet zulke ideeŽn natuurlijk geen recht om ze in ťťn zin samente vatten - het zouden revoluties zijn in de betreffende vakgebieden. Maarop zich zijn het allemaal nog wel hanteerbare gevaren: zelfs als het heelalsnel uitdijt en tijd een volledig relatief begrip is, kun je nog elkeochtend naar de bakker voor vers brood. Hooguit maken wat wetenschappers,althans in deze steekproef, zich druk over de arbeidsmoraal van toekomstigegeneraties theoretisch natuurkundigen als de natuurwetten per universumblijken te verschillen. De sociale orde aangetast

Maar de echte risico's komen natuurlijk pas bij de tweede soortgevaarlijke ideeŽn: ontdekkingen of ontwikkelingen die duidelijke gevolgenhebben voor de bestaande sociale en maatschappelijke structuren. Een deelvan de genoemde ideeŽn in deze categorie gaat nog steeds, net als deideeŽn van Copernicus en Darwin, over de plaats van religie in desamenleving. De gedachte dat er iets goddelijks bestaat, als onderdeel vande natuurlijke orde, is wetenschappelijk te onderzoeken, stelt bijvoorbeeldHarvard-psycholoog Stephen Kosslyn. Andere wetenschappers vragen zich afhoe we zullen reageren als we uitsluitsel krijgen over de vraag of er meerleven in het heelal is. Als we ontdekken dat we de enige levende wezens inhet universum zijn, kunnen we daar misschien zů slecht niet tegen, dat weons allemaal in wanhoop wenden tot religie, oppertartificiŽle-intelligentiedeskundige Rodney Brooks. Misschien, schrijvenenkelen, moet wetenschap die rol op zich nemen, compleet met nieuw uit tevinden rituelen - misschien is wetenschap wel al een soort religie.

Verschillende ondervraagden maken zich zorgen over een heel anderexistentieel probleem: het idee dat we geen vrije wil hebben, dat veel vanons gedrag onbewust wordt aangestuurd, en dat we er achteraf eenverantwoording bij verzinnen.
Daar zijn steeds meer wetenschappelijkaanwijzingen voor. Maar kunnen we die gedachte ooit echt toelaten zondergek te worden, vraagt cognitiewetenschapper Thomas Metzinger zich af. Energer nog, onze hele samenleving is gebaseerd op het idee van persoonlijkeverantwoordelijkheid van mensen voor hun gedrag - hoe zit het daar dan mee,schrijven bioloog Richard Dawkins, biochemicus Eric Kandel ennetwerkdeskundige Clay Shirky: is het niet eens tijd om over een nieuwrechts- en regeringssysteem na te denken? Volgens natuurkundige Haim Haririheeft de democratie toch zijn beste tijd gehad, en staat die op het puntom wereldwijd vervangen te worden door een meer totalitaire staatsvorm.Daar staat tegenover dat wetenschapsjournalist Matt Ridley juist vindt datregeringen radicaal minder macht zouden moeten krijgen, omdat degeschiedenis heeft aangetoond dat er altijd problemen ontstaan bij te hogemachtsconcentraties.

Het ontstaan en de structuur van het heelal, het bestaan van god en devrije wil, het zoeken naar de optimale regeringsvorm - het gros van deondervraagde denkers komt met 'reeds de oude Grieken'-achtige onderwerpenvoor hun gevaarlijke ideeŽn. Het maakt de bijdragen van mensen die heelspecifieke, concrete gevaren noemen des te interessanter en origineler. Envooral: deze wetenschappers zeggen echt iets over onze tijd.

Zo rekent neurowetenschapper Terrence Sejnowski voor dat de opslag- encommunicatiecapaciteit van het internet zo rond 2015 die van ťťnmenselijk brein zal overtreffen, en vraagt zich af wanneer het internetzich van zichzelf bewust zal worden: Het probleem is dat we niet eensweten welke van onze medeschepselen op deze planeet zich van zichzelfbewust zijn. Net zo goed kan internet zich al bewust zijn van zichzelf.'En psycholoog Daniel Goleman, auteur van Emotional Intelligence, merkt opdat het psychologische systeem dat bij mensen de zelfbeheersing reguleert,misschien niet goed werkt als mensen via computers met elkaar communiceren,omdat het daar niet op gebouwd is - en dat dat de reden is dat tienerspesten via MSN en zich zo gemakkelijk uitkleden voor de webcam.

Andere ideeŽn gelden de net iets verdere nabije toekomst. PsycholoogDiane Halpern is bang dat zodra mensen in staat zijn om de sekse van hunkinderen te kiezen, er meer jongetjes dan meisjes geboren zullen worden,omdat individuele ouders wereldwijd liever een jongetje willen en ze degevolgen voor de maatschappij persoonlijk minder interessant vinden.Antropoloog Helen Fisher is ervan overtuigd dat het massaal voorschrijvenvan bepaalde soorten antidepressiva zoals Prozac, waarvan is aangetoond datze romantische en seksuele gevoelens sterk verminderen, de bestaandepatronen van liefdesrelaties zullen veranderen, omdat steeds meer mensenniet in staat zijn om verliefd te worden of om een relatie goed te houden.Natuurkundige Freeman Dyson denkt dat biotechnologie de komende vijftigjaar zo gedomesticeerd raakt, dat we zelf onze eigen huisdieren entuinplanten zullen kunnen ontwerpen, en hij hoopt dat we de behoefte vanambitieuze ouders om designbaby's te maken en die van slimme wizkids omdodelijke microben te creŽren, daarbij onder controle weten te houden. totale vernietiging

Die laatste drie ideeŽn raken al een beetje aan het derde,gevaarlijkste type gevaar: de totale vernietiging van de mensheid.Opvallend genoeg zijn er maar een paar wetenschappers die die mogelijkheidexpliciet noemen - ook de mensen die vanuit hun expertise best iets zoudenkunnen zeggen over het broeikaseffect of radicale vergrijzing beginnen ermeestal niet over. Nature-redacteur Oliver Morton is een uitzondering. Zijngevaarlijke idee luidt dat onze planeet niet in is. We denken, inverband met het broeikaseffect en allerlei andere milieuproblemen, graagdat dat wel zo is, zegt hij: volgens mij vleien mensen zichzelf op eenperverse manier met de gedachte dat hun levensstijl de hele planeetbedreigt'. Maar terwijl de ene soort na de andere is uitgestorven, is deAarde altijd gewoon blijven bestaan, merkt hij op, dus we kunnen ons beterzorgen maken over onszelf. Natuurkundige Jeremy Bernstein voegt hieraan toedat we erg veel plutonium opgeslagen hebben liggen in onze kernwapens endat we nog niet zo veel van deze extreem dodelijke stof begrijpen, en zijncollega Frank Tipler filosofeert over de mogelijkheid van eendeeltjesversnellende bom, even sterk als een kernbom van 1.000 megaton, diedoor terroristen in een klein fabriekje gemaakt kan worden en vervolgensin de kofferbak van een auto past.

Maar de meeste ondervraagden beginnen niet over dat soort zaken. Datheeft deels waarschijnlijk te maken met het gevaar van gevaarlijke ideeŽn.Natuurkundige en computerwetenschapper Daniel Hillis zegt bijvoorbeeldduidelijk dat hij zijn gevaarlijkste ideeŽn, ideeŽn die angst en pijn enchaos kunnen veroorzaken, nooit zou willen delen. Psychiater Randolph Nessevindt dat inderdaad de belangrijkste verantwoordelijkheid vanwetenschappers. En is daarnaast geÔnteresseerd in het fenomeen'onuitspreekbare ideeŽn', ideeŽn die een gevaar opleveren voor degene dieze uit. Hij noemt het voorbeeld van iemand die er openlijk voor uit komtdat hij alleen maar dingen doet waar hij zelf voordeel van heeft - dat zoueen vorm van sociale zelfmoord zijn.

Er zijn nog veel meer voorbeelden', schrijft Nesse verder, maarik moet het hierbij laten. Als ik nog meer zeg, breng ik mezelf inmoeilijkheden of ik haal mijn eigen stelling onderuit. Zal ik mijn'Onuitspreekbare Essays' ooit publiceren? Dat zou wel gedurfd zijn, hŤ?'

Technologie is te verleidelijk Volgens evolutionair psycholoog Geoffrey Miller (bekend geworden doorzijn boek The Mating Mind) zijn mensen goed in het nabootsen van alles watin de orginele vorm evolutionair voordeel had, maar in de nagebootste vormniet meer. Zelfs zo goed dat dat ons uiteindelijk de kop kan kosten. Wezoeken smakelijk voedsel dat vroeger onze overlevingskansen vergrootte enmooie, verleidelijke partners die vroeger slimme, gezonde baby'sproduceerden. Het moderne resultaat: fast food en pornografie', schrijftMiller in The Edge. Technologie kan de externe realiteit goedbeÔnvloeden om onze echte biologische fitness te bevorderen, maar het isnog beter in het aanleveren van fake fitness - subjectieve indicatoren vanmogelijke overleving en voortplanting, zonder echt effect. Vers organischvruchtensap is veel duurder dan frisdrank zonder enige voedingswaarde.Echte vriendschappen kosten zo veel meer moeite dan naar Friends kijken optv.' Volgens Miller verklaart dit verschijnsel ook waarom we nog nooitbuitenaards intelligent leven zijn tegengekomen. Ten tijde van de KoudeOorlog dachten mensen nog dat alle slimme aliens zichzelf op een bepaaldmoment opbliezen met hun eigen variant op de kernbom; Miller denkt dat zegeen contact zoeken omdat ze verslaafd zijn geraakt aan computerspelletjes.Het daadwerkelijk koloniseren van het heelal zou zoveel moeilijker zijndan doen alsof je het heelal koloniseert terwijl je Star Wars filmt.'Miller noemt het de Grote Verleiding voor elke soort die technologie heeftontdekt: het zodanig vormgeven van de subjectieve realiteit dat het alleindicatoren van overleving en reproductief succes biedt, maar zonder dathet dat ook echt doet. De meeste intelligente soorten van buitenaards levensterven waarschijnlijk geleidelijk uit omdat ze steeds meer tijd en geldaan hun pleziertjes wijden, en steeds minder aan hun kinderen.' Miller heeft ook een gevaarlijk idee-in-een-idee, schrijft hij: Datdit al gebeurt. Christelijke en moslimfundamentalisten enanti-consumptieactivisten begrijpen al precies wat de Grote Verleiding isen hoe die te vermijden is. [...] Deze praktisch ingestelde topfokkerszullen de aarde erven.' Iedere mier wil nu koningin zijn Toen hij het effect van de brandende auto's in de Parijse banlieus zag,schrijft filosoof en software-ontwikkelaar Kai Krause in The Edge, was zijneerste gedachte: Als een groep echt heel slimme mensen er zich volledigop zou richten, wat zou het dan angstaanjagend gemakkelijk zijn om destructuur van het dagelijks leven totaal te ontwrichten, om de samenlevinggeheel tot stilstand te brengen.' Een slimme geek of groep geeks kan de watertoevoer aan Los Angelesbijvoorbeeld gemakkelijk platleggen, of een Open Source misdaadwebbeginnen, of een Wikipedia-achtige database bouwen met manieren om deWereldhandelsorganisatie dwars te zitten. Maar dat is nog niet eens waar Krause zich het meest druk om maakt. Hetgrootste probleem, schrijft hij, is dat de redenen dat mensen dat nietdoen, wel eens zouden kunnen verdwijnen.

 Iedereen wil nu ineens zospeciaal zijn, zo compleet uniek. [...] Elke rapper met steeds meer goudenkettingen in steeds langere limousines zingt: Je moet geen loser zijn! Jemoet niet normaal zijn! [...] De mierenhoop rekent op het gedrag van demieren om goed te kunnen functioneren. Maar wat als elke mier ineenskoningin wil zijn? Wat als soldaat zijn en aan een nest bouwen enschoonmaakcorvee niet cool genoeg meer is? Een mierenhoop overleeft hetook niet als maar een klein deel van het systeem instort.'

Opvoeding heeft geen effect Volgens Judith Rich Harris, schrijfster van The Nurture Assumption,hebben ouders geen enkele invloed op de persoonlijkheid, intelligentie ofhet gedrag van hun kinderen buitenshuis. De enige bijdrage van de oudersis genetisch, zo schrijft ze als bijdrage in de serie gevaarlijke ideeŽnvan The Edge. Tien jaar geleden nam ze voor het eerst dit extreme standpuntin, in de veronderstelling dat er wel mensen zouden zijn die zoudenaantonen dat het niet helemaal correct kon zijn, maar in de loop der jarenis ze er steeds meer van overtuigd geraakt dat het wŠŠr is. Haartegenstanders zeiden wel dat de invloed van ouders in tientallenonderzoeken was aangetoond, maar dan vergaten ze die te noemen',schrijft Rich Harris. Op zijn best leek het om voorlopig werk, werk inuitvoering te gaan, met te weinig gegevens om iets te betekenen (ofpubliceerbaar te zijn).' Als ouders zouden geloven dat ze geen invloed hebben op het karakter engedrag van hun kinderen, betekent dat niet dat ze die kinderen zoudenverwaarlozen of misbruiken, benadrukt Rich Harris. Ouders zijn heus nietalleen maar aardig voor hun kinderen omdat ze denken dat die daar beter vanworden, maar ook bijvoorbeeld omdat het dan thuis gezelliger is. Eengoede relatie is een relatie waarin elke partij om de andere geeft engelukkig wordt van het gelukkig maken van de ander. Een goede relatie isniet een relatie waarin het belangrijkste doel van een van beide partijenis om de persoonlijkheid van de ander te veranderen.' Zelf vindt Rich Harris haar gevaarlijke idee overigens helemaal nietgevaarlijk. Als mensen dit accepteerden, zou er een frisse wind door hetgezinsleven waaien. Het zou verbeteren.' Nu hebben ouders veel te veel hetidee dat ze hun kinderen voortdurend met liefde en lof moeten overladen,schrijft ze. Kinderen zijn nu de baas in huis geworden.' School is slecht voor kinderen Als er ergens een natuurramp heeft plaatsgevonden, schrijftpsycholoog/computerwetenschapper Roger Schank, is er altijd een moment datde kranten schrijven dat de scholen weer open zijn. Dus wat er verderook nog verschrikkelijk is op de plek waar ze wonen, de kinderen gaan naarschool. Ik heb altijd medelijden met die arme kinderen.' Schanksgevaarlijke idee is dat school slecht is voor kinderen. Het maakt henongelukkig en uit onderzoek blijkt dat ze er ook niet veel leren.' Hetenige waar kinderen aan denken op school, volgens Schank, is bij welkemedescholieren ze goed liggen en bij welke niet, wat hun status is in degroep, en hoe ze de leraar zover krijgen dat die hun goede cijfers geeft.Maar zoals Oscar Wilde al zei: niets dat de moeite van het weten waard is,kan iemand worden geleerd. Scholen zoals we die kennen moeten gewoonstoppen te bestaan. [...] Scholen moeten vervangen worden door veiligeplekken waar kinderen naartoe kunnen om te leren wat ze willen leren. [...]We moeten ophouden een land te creŽren vol overspannen leerlingen dieleren hoe ze hun leraar een plezier moeten doen in plaats van zichzelf. Wemoeten volwassen mensen voortbrengen die echt van leren houden, geenvolwassenen die elke vorm van leren vermijden omdat het hun doet denken aande gruwelen van school. We moeten ophouden te denken dat alle kinderenhetzelfde moeten leren. We moeten volwassenen creŽren die zelf kunnendenken.' Psycholoog Jamshed Bharucha heeft andere problemen met onderwijs: hijvindt dat de manier van lesgeven niet in overeenstemming is met wat weweten over aandacht, geheugen en impliciet leren. We weten bijvoorbeelddat in de tijd samengeklonterde leermomenten op de lange termijn mindergoed beklijven dan dezelfde leermomenten uitgespreid over de tijd. Maar weblijven lessen aanbieden in gecomprimeerde pakketjes, cursussen, we nemenexamens af aan het eind van zo'n cursus en dan gaan we verder', schrijfthij in The Edge. En we weten dat het meeste leren impliciet, automatischen onbewust gebeurt. Maar juist taal - en daarmee expliciete, duidelijke,bewust gearticuleerde kennis - is het medium van het onderwijs.' Eenradicaal andere manier om het onderwijs in te richten zou veel beter zijn. Authenticiteit voegt niets essentieels meer toe In 2005 had het American Museum of National History eenDarwin-tentoonstelling waar een enorme levende Galapagos schildpad tamelijkbewegingloos bij de ingang zat. Psycholoog Sherry Turkle staat in de rijmet haar veertienjarige dochter. Die zegt dat ze beter een robot haddenkunnen gebruiken. Het is zonde, vindt het pubermeisje, dat ze die schildpadzo'n enorme afstand hebben laten afleggen om hem vervolgens in een kooi tezetten voor een optreden dat heel weinig gebruik maakt van zijn 'levendzijn'. Als Turkle de andere mensen in de rij hierover naar hun meningvraagt, blijkt dat veel tieners er zo over denken. Hun ouders reageren volonbegrip - 'het hele idee is dat hier levende dieren staan, dat is debedoeling hiervan!' Maar de kinderen zijn ervan overtuigd dat deauthenticiteit, het in leven zijn van de schildpad, niets essentieelstoevoegt. Wat is nog het doel van levende dingen? Wanneer is hetbelangrijk om te weten of iets leeft?', schrijft Turkle. Het doet haardenken aan haar onderzoek met therapeutische knuffelrobots, die troostendgezelschap zijn voor ouderen, zieken en mensen met psychische problemen.De knuffelrobots kunnen oogcontact maken, zijn gevoelig voor aanrakingenen simuleren bepaalde emoties in reactie op die aanrakingen. Vooralkinderen en ouderen bouwen gemakkelijk een emotionele band op met zo'nrobotje. Wat zegt het over ons dat we zulke 'zorgtechnologie' willeninzetten op de twee momenten in onze levenscyclus waarop we het meestafhankelijk zijn?', vraagt Turkle zich af. De belangrijkste vraag isniet of kinderen meer van hun robotdieren zullen houden dan van echtehuisdieren, of van hun ouders; de vraag is: wat gaat 'houden van'betekenen?' Volgens Judith Rich Harris, schrijfster van The Nurture Assumption,hebben ouders geen enkele invloed op de persoonlijkheid, intelligentie ofhet gedrag van hun kinderen buitenshuis. De enige bijdrage van de oudersis genetisch, zo schrijft ze als bijdrage in de serie gevaarlijke ideeŽnvan The Edge. Tien jaar geleden nam ze voor het eerst dit extreme standpuntin, in de veronderstelling dat er wel mensen zouden zijn die zoudenaantonen dat het niet helemaal correct kon zijn, maar in de loop der jarenis ze er steeds meer van overtuigd geraakt dat het wŠŠr is. Haartegenstanders zeiden wel dat de invloed van ouders in tientallenonderzoeken was aangetoond, maar dan vergaten ze die te noemen",schrijft Rich Harris. Op zijn best leek het om voorlopig werk, werk inuitvoering te gaan, met te weinig gegevens om iets te betekenen (ofpubliceerbaar te zijn)." Als ouders zouden geloven dat ze geen invloed hebben op het karakter engedrag van hun kinderen, betekent dat niet dat ze die kinderen zoudenverwaarlozen of misbruiken, benadrukt Rich Harris. Ouders zijn heus nietalleen maar aardig voor hun kinderen omdat ze denken dat die daar beter vanworden, maar ook bijvoorbeeld omdat het dan thuis gezelliger is. Eengoede relatie is een relatie waarin elke partij om de andere geeft engelukkig wordt van het gelukkig maken van de ander. Een goede relatie isniet een relatie waarin het belangrijkste doel van een van beide partijenis om de persoonlijkheid van de ander te veranderen." Zelf vindt Rich Harris haar gevaarlijke idee overigens helemaal nietgevaarlijk. Als mensen dit accepteerden, zou er een frisse wind door hetgezinsleven waaien. Het zou verbeteren." Nu hebben ouders veel te veel hetidee dat ze hun kinderen voortdurend met liefde en lof moeten overladen,schrijft ze. Kinderen zijn nu de baas in huis geworden." Als er ergens een natuurramp heeft plaatsgevonden, schrijftpsycholoog/computerwetenschapper Roger Schank, is er altijd een moment datde kranten schrijven dat de scholen weer open zijn. Dus wat er verderook nog verschrikkelijk is op de plek waar ze wonen, de kinderen gaan naarschool. Ik heb altijd medelijden met die arme kinderen." Schanksgevaarlijke idee is dat school slecht is voor kinderen. Het maakt henongelukkig en uit onderzoek blijkt dat ze er ook niet veel leren." Hetenige waar kinderen aan denken op school, volgens Schank, is bij welkemedescholieren ze goed liggen en bij welke niet, wat hun status is in degroep, en hoe ze de leraar zover krijgen dat die hun goede cijfers geeft.Maar zoals Oscar Wilde al zei: niets dat de moeite van het weten waard is,kan iemand worden geleerd. Scholen zoals we die kennen moeten gewoonstoppen te bestaan. [...] Scholen moeten vervangen worden door veiligeplekken waar kinderen naartoe kunnen om te leren wat ze willen leren. [...]We moeten ophouden een land te creŽren vol overspannen leerlingen dieleren hoe ze hun leraar een plezier moeten doen in plaats van zichzelf. Wemoeten volwassen mensen voortbrengen die echt van leren houden, geenvolwassenen die elke vorm van leren vermijden omdat het hun doet denken aande gruwelen van school. We moeten ophouden te denken dat alle kinderenhetzelfde moeten leren. We moeten volwassenen creŽren die zelf kunnendenken." Psycholoog Jamshed Bharucha heeft andere problemen met onderwijs: hijvindt dat de manier van lesgeven niet in overeenstemming is met wat weweten over aandacht, geheugen en impliciet leren. We weten bijvoorbeelddat in de tijd samengeklonterde leermomenten op de lange termijn mindergoed beklijven dan dezelfde leermomenten uitgespreid over de tijd. Maar weblijven lessen aanbieden in gecomprimeerde pakketjes, cursussen, we nemenexamens af aan het eind van zo'n cursus en dan gaan we verder", schrijfthij in The Edge. En we weten dat het meeste leren impliciet, automatischen onbewust gebeurt. Maar juist taal - en daarmee expliciete, duidelijke,bewust gearticuleerde kennis - is het medium van het onderwijs." Eenradicaal andere manier om het onderwijs in te richten zou veel beter zijn. In 2005 had het American Museum of National History eenDarwin-tentoonstelling waar een enorme levende Galapagos schildpad tamelijkbewegingloos bij de ingang zat. Psycholoog Sherry Turkle staat in de rijmet haar veertienjarige dochter. Die zegt dat ze beter een robot haddenkunnen gebruiken. Het is zonde, vindt het pubermeisje, dat ze die schildpadzo'n enorme afstand hebben laten afleggen om hem vervolgens in een kooi tezetten voor een optreden dat heel weinig gebruik maakt van zijn "levendzijn'. Als Turkle de andere mensen in de rij hierover naar hun meningvraagt, blijkt dat veel tieners er zo over denken. Hun ouders reageren volonbegrip - "het hele idee is dat hier levende dieren staan, dat is debedoeling hiervan!' Maar de kinderen zijn ervan overtuigd dat deauthenticiteit, het in leven zijn van de schildpad, niets essentieelstoevoegt. Wat is nog het doel van levende dingen? Wanneer is hetbelangrijk om te weten of iets leeft?", schrijft Turkle. Het doet haardenken aan haar onderzoek met therapeutische knuffelrobots, die troostendgezelschap zijn voor ouderen, zieken en mensen met psychische problemen.De knuffelrobots kunnen oogcontact maken, zijn gevoelig voor aanrakingenen simuleren bepaalde emoties in reactie op die aanrakingen. Vooralkinderen en ouderen bouwen gemakkelijk een emotionele band op met zo'nrobotje. Wat zegt het over ons dat we zulke "zorgtechnologie' willeninzetten op de twee momenten in onze levenscyclus waarop we het meestafhankelijk zijn?", vraagt Turkle zich af. De belangrijkste vraag isniet of kinderen meer van hun robotdieren zullen houden dan van echtehuisdieren, of van hun ouders; de vraag is: wat gaat "houden van'betekenen?"