fundament van alles - Hendrik Snijders

Er lijkt tegenwoordig een duidelijk onderscheid te bestaan tussen geloof en wetenschap. Einstein drikte dat als volgt uit: Wetenschap kan alleen vaststellen wat is, maar niet wat zou moeten zijn, en buiten haar gebied blijven allerlei waardeoordelen noodzakelijk.

Een belangrijk deel van het werk van elamntaire-deeltjesfysici bestaat uit onderzoek naar een gemeenschappelijke basis voor de vier natuurkrachten: zwaartekracht, EM, zwakke en sterke kernkracht. Natuurkundigen denken dat bij toenemende energien de onderlinge verschillen tussen die krachten kleiner worden. Uiteindelijk unificeren. Zodra deze gemeenschappelijke noemer gevonden is, zou de mensheid beschikken over de theorie van alles.

Om te bewijzen dat deze krachten bij hoge energien dezelfde gedaante aannemen wordt bij het CERN de LEP versneller gebouwd.

Tegenwoordig hebben veel fysici hun hoop gevestigd op de zogenoemde superstringtheorie. Bij deze theorie vormen niet deeltjes maar kleine snaartjes de fundamentele bouwstenen van de materie.

Het probleem is echter dat deze theorie nog geen enkele voorspelling heeft gedaan die door experimentele fysici te onderzoeken is. Deze kloof maakt deze theorie omstreden.

De dominante geloofsovertuiging van natuurkundigen is bovendien dat de wereld in beginsel eenvoudig in elkaar steekt.

Stephan Hawking wringt zich in Het Heelal wel in zeer vreemde bochten om dit geloof kracht van bewijzen te geven. "Het feit dat we bestaan, kan dus worden beschouwd als een bewijs voor de grote geunificeerde theorien.