Kernstraling

Er zijn in de natuur 3 families van radioactieve elementen: uranium, thorium en actinium. Deze instabliele atomen zenden kernstraling uit, om de kern te stabiliseren.
 

Alpha = 2 protonen + 2 neutronen
Afstand 5-8 cm te stoppen met papiervel

Beta = electrton uit de kern (wanneer neutron wordt omgezet in proton)
Heeft hoge snelheid kan door plat aluminium van 8mm. Bijlichtere atomen ook positronen

Gama = electromagnetisch ultra korte golf. Snelheid van het licht kan door staalplaat van 2 cm dikte

Positron = als kern teveel protonen bevat kan proton omgezet worden in neutron onder uitzending van positron. Ze verenigen in zeer korte tijd met electron om iver te gaan in straling.





Verval halfwaarde tijd
Plutonium 239 = 24.000 jaar
Radon = dagen
Kobalt 60 = 5 jaar
Radium = 1622 jaar (1 gram zendt per seconde 37 miljard alfadeeltjes uit)
Koolstof 14 = 5736 jaar (1 gram zendt 13 betastralen per minuut uit)
Polonium = > 1 seconde
Uranium 238 = 4.500.000.000 jaar
Koolstof 11 = 20 maanden (rode zijn natuurlijk)
Natrium 24 = 15 uur
IJzer 59 = 45.1 uur
Fosfor 32 = 14.5 dagen
Kobalt 60 = 527 jaar
Jodium 131 = 8 dagen
Goud 198 = 2,7 dagen

Voor kernreacties te laten gebueren worden vaak neutronen gebruikt, die zijn energie vrij en kunnen een uraniumkern splijten. Daar komt veel energie bij vrij. Als de kern splitst storen de gelijke delen elkaar sterk af. Bij de splitsing wpordt massa verbruikt voor het swcheppen van energie volgens E = MC˛
 

Omdat er voor iedere neutron dat wordt gebruikt 3 andere vrijkome ontstaat de mogelijkheid van een kernreactie. De neutronen worden vertraagd anders zouden ze door de U238 kern worden opgenomen.
 

Kernreacties zijn miljoenen malen energierijker dan atoomreacties (elektronenaanslag = chemie)