Geschiedenis van de filosofie

een inleiding
wijsbegeerte is het streven van de mens de raadselen van het bestaan zowel van de wereld om hem heen als die van het eigen binnenste door middel van het denken op te lossen, is ouder dan all het geschreven en gelezenen dat we daarover bezitten.

Denken is taal gebonden . bij de ontwikkeling van een kind kan men dat steeds opnieuw opmerken.

Het object der filosofie
We kunnen een opsomming maken die methodisch is een kort overzicht van de belangrijkste domeinen van het wijsgerig denken, zoals die geijkt zijn geworden: met het heelal of ook met datgenen dat met de zintuigen niet de ervaren is houd zich de metafysica bezig, met het zijn in zijn totaliteit de ontologie deze beide gebieden vallen op Veel punten tezamen zoals het ook met andere het geval is; de logica is de leer van het juiste denken, de kennistheorie van het kennen en zijn grenzen, de estetika van het schone. Met de natuur houdt zich bezig te natuurfilosofie, met de cultuur te cultuurfilosofie, met de geschiedenis geschiedenisfilosofie, met de godsdienst de godsdienstfilosofie, met de staat de staatsfilosofie; het recht is het object van rechtsfilosofie, en de taal van de taalfilosofie en zo is er een wijsbegeerte van de economie. de techniek, van het geld enzovoort.

ons treft allereerst het geheel van het zijn als het meest omvattende object. Hieraan beantwoordt blijkbaar niets onder de andere aftakkingen der wetenschap. De totale samenhang van al het zijn de is uitsluitend thema van de filosofie, hoezeer ook deze of gene speciale wetenschap daarop aanspraak mogen maken.

De afzonderlijke verschijnselen van het leven in een groot alles omvattend geheel onder te brengen en gemeenschappelijke zin erin te ontdekken en onder andere ook de resultaten de wetenschap in een synthese tot een omlijnt de wereldbeeld samen te voegen.

Wat de wijsbegeerte in het bijzonder kenmerkt is het denken als hij eigenlijk middel. De religie doet haar wezen getrouw in eerste plaats een beroep op het geloof en op het gevoel, niet op het verstand. Kunst ook is geen denken, maar uitbeelding van het innerlijk en uiterlijk vorm een die zeer zeker indien hij volmaakt is de totaliteit van het zijn tot uitdrukking kan brengen maar als het ware in gelijkenis op symbolische wijze gezien door de enkeling steeds in de kern niet op het verstand maar op het gevoel voor het schone en verhevene gegrond is.

Bij de Grieken trad de filosofie op met de pretentie alleen door het denken zonder beroep op het geloven, en het zijn en zijn zin of niet zin in te verstaan.

Emmanuel kant ziet drie belangrijke vragen: wat kunnen wij weten? wat kunnen wij doen? en wat mogen wij geloven? Bestaat er een hogere macht. Is de menselijke wil vrij? Is er onsterfelijkheid?

Het is waarschijnlijk dat geboorte en dood als de fundamentele feiten van alle leven en in verband daarmee de vraag naar voortbestaan na de dood, verder het heersen van bovennatuurlijke geheimzinnige machten en de vraag naar God goden de eerste en meest elementaire raadselen zijn geweest die de ontwakende menselijke geest ontdekte en waarop hij zich het eerst wierp volgens kant.

De wijsheid van het Oosten
belangrijke periode in de Indische filosofie is de Veda die is in drie tijdvakken is onder te verdelen: het oud vedische rijk ongeveer van 1500 tot 1000 v.Chr., de tijd van de offer mystiek ongeveer 1000 tot zeven 150 v.Chr.; de tijd van de oepanishaden tussen 750 tot 500 voor Christus.

De tijd waarin de Indo AriŽrs hun heerschappij naar het oosten tot aan de ganges deed uitbreiden en daar maatschappelijke laag van heersers vormde boven de oorspronkelijke bevolking van ander ras is een van de oorzaken voor het ontstaan van het kastestelsel en bevoorrechte positie van de priesters stand de Brahmanen

De indeling volgens het ras het oude Indische woord voor kasten betekent kleur en kwam. het woord kaste is van Portugese herkomst werd. binnen de groep van de AriŽrs zelf weldra door een verdere scheiding in hoofdkasten gevolgd: priesters, vorsten. vrijen zijn de kooplieden en beneden deze stonden de sjoedras, de verstoten en onbekeerde inboorlingen krijgsgevangenen en slaven, waaruit de 40 miljoen zogenaamde onaanraakbare van de tegenwoordig IndiŽ zijn voortgekomen, die een van de moeilijkste problemen van de tegenwoordig IndiŽ vormen en voor wie Ghandi en zijn geestelijke strijd bijzonder opgekomen is. Uit de oorspronkelijke indeling in kaste ontstond in de loop van de tijd steeds verder doorgevoerde onderverdeling in talrijke erfelijke onderkasten, die ieder voor zich streng afgezonderd leefden. de Europese techniek heeft met spoorweg en fabrieksarbeid het systeem aan het wankelen gebracht.

Van de wil der goden hing het gedijen van de oogst en daarmee de het wel en wee van het volk af. Slechts de priesters bezaten de wetenschap omtrent de juiste regels van het verkeer met de goddelijke machten.

Heel verschillend vergelijkbare Europese verhoudingen bijvoorbeeld de heerschappij van de katholieke kerk in onze middeleeuwen is de positie van de priesters hier in dat zij nooit naar wereld lijken heerschappij hebben gestreefd en dat zij nooit naar de wijze van kerk en gesloten organisatie met een geestelijk hoofd hebben gevormd. Zij waren en blijft een stand van vrije gelijkgerichte individuen.

Het tijdperk van de oepanisjaden
zieners en kluizenaars inhouden van het Noorden voor de dieper een schitterende onvergetelijke en oepanishaden waarvan Schopenhauer heeft gezegd: hier is de meest lonende en meest geŽigende lectuur die ter wereld mogelijk is. Deze is de troost van mijn leven geweest en zal ook die van hen sterven zijn.

De gerijpte mens zal de vergankelijkheid en de twijfelachtige waarde van al het aardse doorzien. En uiteindelijk begint elk hoger denken, en in het bijzonder het wijsgerig denken, eigenlijk pas op het ogenblik waarop twijfel en onbevredigd hij het minst aangrijpen en toebrengen het geheel van de onmiddellijk geschreven ervaring niet eenvoudig naÔef als iets gegevens te aanvaarden, maar achter en boven haar nog een andere wereld en de eigenlijke waarheid te zoeken. Twee wijsgerige hoofdverdachten lopen als een rode draad door de belangrijkste onder de oepanisjaden: de leer van Altman en brahman, en de gedachte van de zielsverhuizing en verlossing.

Adnan is dus de diepste kern van onze eigen zelf waarop hij stootte wanneer wij van de mens als verschijning allereerst het lichamelijk omhulsel wegdenken en dan van het overblijvende levens aan de macht achter zelf dat wij's psyche zouden noemen weer alles aftrekken dat willen denken voelen en begeren is. Wij komen dan tot dat ongrijpbare binnenste van ons wezen, waarvoor wij geen ander woord heb dan ik, zelf onze ziel.

De Adnan moet men kennen in hen kent men het ganse heelal. Wie het zelf heeft gezien, gehoord, verstaan en erkend, die heeft inzicht in deze gehele wereld.

Zelfverloochening en afstand van uiterlijk succes en lust ter zinnen, het zich bewust opleggen van momenten en kwellingen, kortom als keesten, dat alles heeft in IndiŽ een rol gespeeld als er wel bij geen ander volk.

Zielsverhuizing en verlossing

wat wordt er van de mens na zijn dood?

Wie goed deed wordt als goede geboren bent, die het kwade deed, wordt als boosdoener geboren ben, heilig wordt hij door heilige werk, slecht door het slechte.

Daar het het werk is dat de band tot het nieuwe bestaan vormt en die betaalt, wordt afzien van alle handelen zelf ontleedde geen overwinning van de wereld tot leven, als keesten, de voorwaarde tot verlossing brengt dit alleen is weliswaar nog niet voldoende. We weten en inzicht moeten daarbij komen: slechts die het onvergankelijke kent, wordt verlossing deelachtig. Die heeft ingezien ik ben braam aan, die wordt niet verlost, maar is reeds verlost ben, hij doorziet de illusie van de veelheid.

Weten is er vol van de macht. Het individuele bestaan dat ons Europeanen zo dierbaar is, dat wij het voor onsterfelijk houden, wordt bij deze vorm van verlossing niet gehandhaafd maar gaat in de grote wereldziel onder.

Een ding kunnen we met zekerheid voorspellen: welke nieuwe en ongedachte wegen ook de filosofie van komende tijden mogen inslaan, dit staat voor altijd vast en nooit samen in dit meer kunnen laten vallen: zal de oplossing van het grote raadsel in enig opzicht mogelijk zijn dan kan de sleutel ertoe slecht daar liggen waar alleen het geheim der natuur zich aan ons openbaart, in ons eigen binnenste. 500 v.Chr. traden Mahavira en Boeddha stichters van een nieuwe religie op, die naast de Brahmaanse godsdienst, een zelfstandig leven gingen leiden met als gevolg dat de verdere geestesontwikkeling van India niet meer in het teken van 1 maar van een veelheid van godsdiensten staat.

Het materialisme van de Tsjarvakas
zij huldigen materialisme dat wil zeggen de opvatting die uitgaat van dat de materie het enig bestaande is en dat de geestelijke verrichtingen, tot stoffelijke zijn te herleiden. De leer van Atman is voor hem louter bedrog en misleiding. Even kras wijst ook de ethiek van deze van de tot dan toe heersende inzicht af. Beter gezegd zij hebben in het geheel geen ethiek, zij loochenen elke zedelijke wereld en zien in de lust der dingen het enige en hoogste doel van de mens.

Zij offeren het zoet genot op totdat ze een onvruchtbaar leven is weggekwijnd. Er bestaat geen hiernamaals, vergeefs is hopen en geloven geniet uw leven veracht de armelijke verblinding.

Slurp Vet en maakt schulden

leef vrolijk de korte spannende tijd,

dat het leven

U beschoren is

zij zult eens de dood moeten dulden

en wederkomst zal er nooit zijn


diegenen wordt als Dom beschouwt die van de lust af zou willen zien omdat zij met smart gepaard gaat.


Het Jainisme
verlossing van de ziel uit noodtoestand is mogelijk indien de binnengedrongen stoffen uit haar verwijderd worden en het binnendringen van nieuwe stof verhinderd kan worden. De weg daartoe bestaat uit strenge ascetische oefeningen. De daarmee samenhangende geloften eisen van de Jaina: liegen;niet niets nemen dat niet gegeven wordt, afstand doen van de lust in wereldse zaken, en voor alles, niets wat leefd doden. Hij mag geen dier slachten of offeren hij filtreert zijn drinkwater niet ten einde de zich daarin bevindende kleine levende wezens te verwijderen; hij draagt een sluier om geen insecten in te ademen; hij veegt de grond voor zijn voeten op dat zijn voet geen vrije diertjes zal verpletteren,

De noodZaak hun streng gesloten dogmatisch systeem tegen aanvallen te verdedigen, bracht ze ertoe een fijn geslepen kunst van bewzijen en werleggen te scheppen die haar hoogtepunt in Syadvada, een soort relativiteitstheorie van de logica, bereikte.

zij bleven geselecteerde groep die zich echter tot op heden heeft weten te handhaven en nog rond 3 miljoen aanhangers telt.


het boeddhisme
over de levensloop van de stichter van het boeddhisme, thans een der meest verbreide religies de wereld zijn geen berichten die onmiddellijk van tijdgenoten en ooggetuigen stampt. De naam Boeddha heeft hij zelf aangenomen en betekent de verlichte.

Bij een rit naar het park zag Boeddha een verzwakte trillende grijsaard , bij een tweede rit een van koorts schokkende zieke., derde keer een instaat van ontbinding verkerend lijk , ten slotte echter een monnik die in verheerlijkte rust boven alle ellende van de wereld verheven in zijn gelaatstrekken droeg. Deze beelden van ouderdom ziekte leed en dood prenten zich onuitwisbaar in de ziel van de jongeman. Een diep onbehagen en walging van zijn weelderige omgeving grepen hem aan. Hij besloot elk bezit en het recht op de vorstelijke troon prijs te geven, verliet in de nacht zijn slapende gade en zijn pasgeboren zoon en trok weg, de eenzaamheid in als asceet en zoeker naar verlossing van het leed van deze wereld. Toen hij tot aan de uiterste grens van zelfkastijding was gegaan kwam bij hem het besef op dat hij op deze weg niet tot het ware inzicht was opgestegen. Hij liet de ascese varen. Hij zette zich wederom neer onder de schaduwrijke boom nu zonder ascese maar vastbesloten deze plaats niet meer te verlaten dan dat de ware kennis in hun opgedoemd was. En hier geschiedde het dat hij in een bovennatuurlijk visioen de eeuwige kringloop aanschouwde waarin alle wezens geboren worden sterven en opnieuw ontstaan.

Alle leven is lijden;

alle leiden vindt zijn oorzaak in de begeerte in de dorst; opheffing van deze begeerte voert tot opheffing van het lijden, van verbreking van de keten der wedergeboorte De weg tot bevrijding is het heilige acht delige pad namelijk: het echte geloof, het recht te denken, het recht te spreken, het recht te handelen, het gerichte leven, het gerichte streven, de rechte aandacht, de rechte concentratie. Zo was je Siddahrta na zeven jaren hebben gezocht en gepeinsd de verlichtte Boeddha geworden en trok nu uit om zijn boodschap aan de mensen te brengen.

Zijn laatste woorden waren: alles wat geworden is is vergankelijk, worstel zonder ophouden.

Boeddha verwierp en bespotte ook elke uiterlijke cultus. Zijn blik was alleen op het innerlijk van de mens gericht en op zijn levenswandel.

Hoe kan de eeuwige kringloop van Leiden ondoorbroken worden?

Indien wij als mensen alle begeerte alle haat alle wensen konden afleggen dan zou het mogelijk moeten zijn hem te verbreken en te verlossen uit die kringloop. Wat zou hij derhalve winnen. Het nirvana.

Overwin uw toorn door hartelijke genegenheid, het kwade door het goede, nimmer ter wereld houd haat op door haat, haat verdwijnt slechts door liefde. Toen men hem verzocht zijn opvatting van de rechte levenswandel in een korte formule op te stellen somde hij de volgende vijf geboden op: dood geen levend wezen. Twee neem niet wat u niet gegeven wordt. Drie spreek geen onwaarheid. Vier drink geen bedwelmende dranken. Vijf weest niet onkuis.

In schrijnende tegenstelling tot bijvoorbeeld de Christianisering van midden Amerika vond de uitbreiding van het boeddhisme zonder enig bloedvergieten plaats. Het boeddhisme heeft in zijn 25 honderdjarige geschiedenis bewezen inderdaad een godsdienst van de vrede te zijn.

De boeddhistische leer kent twee wegen tot volkomen bevrijding. De ene voert over een trapsgewijze reeks van logische operaties tot het juiste inzicht, de andere voert daartoe over een langdurige volgens een bepaald plan geregelde concentratie en meditatie.

Blindheid, onwetendheid is volgens Boeddha de oorzaak praktisch van alle levens processen, onwetendheid als niet inzien dat het leven tegelijk leiden is, laat de blinde levensdrift zich steeds opnieuw uitleven. Uitroeiing van deze onwetendheid is verlichtheid.

Zen boeddhisme
de aanhangers geloven dat vasthouden aan woorden begrippen, vaste leerstellingen of strakke gedragsregels ons verhinderd tot de ware zin van wat werkelijk bedoeld wordt door te dringen. Dat geldt zelfs voor de leringen van Boeddha. De zuivere volstrekte waarheid ligt aan gene zijde van alles wat met woorden kan gezegd worden. De waarheid wordt van geest tot geest overgeleverd niet uitgedrukt in woorden nog geschreven in letters; het weinigen weten is geen weten.

Zen boeddhisten hebben een eigen vorm van meditatie.