Ongestemd beleid

11 maart 1995
HARRY VAN SEUMEREN

Deze week pleitte op de radio iemand voor het afschaffen van de verkiezingen voor de Provinciale Staten. De provinciebesturen opereren hoofdzakelijk in de anonimiteit. Niemand weet wat ze doen, geen hoofdredacteur vindt het van belang een van zijn mensen te belasten met het volgen van deze bestuurslaag. Zet er maar een stel deskundigen neer, was het advies.

Dit bleek schokkend voor professionele politiek-watchers. Zij verwierpen de conclusie, maar konden tegen de argumentatie niets zinnigs inbrengen. Woensdag kon ik de proef op de som nemen en ik moest vaststellen dat geen van de namen op het kiesbiljet mij bekend voorkwam. Deels ligt de oorzaak daarvan natuurlijk bij mij, hoewel niemand in mijn omgeving een andere ervaring kon melden.

Uit een oogpunt van democratie gezien, hebben rechtstreekse verkiezingen van de Staten weinig zin. De kandidaten zijn onbekend en de gekozenen leggen geen verantwoording van gevoerd beleid af. Zo op het oog leveren provinciebesturen redelijk werk af, net als de waterschappen trouwens, waarvan je tegenwoordig ook de bestuurders mag kiezen zonder ze te kennen of zelfs maar te kunnen ontmoeten.

De verkiezingsuitslag van deze week bepaalt wel de krachtsverhoudingen in de Eerste Kamer. De PvdA wees pas vorige zaterdag daarvoor haar kandidaten aan. Blijkbaar vinden politieke partijen dat de kiezer daarmee niets te maken heeft. Rest het nut van de tussentijdse populariteitspeiling. Dit keer verschilt de opiniepeiling dramatisch van de Kamer-uitslag van vorig jaar. PvdA en D66 verliezen eenderde van hun mandaat, de VVD wint bijne eenderde erbij en klimt van de derde partij in de coalitie tot de eerste plaats.

Dan is het geen peiling meer, maar de aanzet voor de machtswisseling, te beginnen binnen de coalitie - wat de politieke leiders daarvan ook hebben gezegd. Daartoe niet uitgenodigd, bewerken de kiezers een koersverandering die ze (mogelijk) niet hebben gewild. Want de ervaring leert, dat de kiezer zich bij landelijke verkiezingen anders opstelt dan bij provinciale verkiezingen.

De politieke partijen gaan op een perverse wijze met de democratische grondrechten van de kiezer om. Zij bemoeien zich meer met hun macht dan met de inhoud van het beleid. De beste marktkoopman raakt zijn waar kwijt, wat niet wil zeggen dat die waar deugt.

Bij het aantreden van dit kabinet is opgemerkt dat het regeerprogram een sterk liberale inslag heeft. Preciezer, het is een beleid dat is gericht op het verminderen van het voorzieningenniveau tot een absoluut minimum. Met een scala aan onbegrijpelijk jargon trachten met name PvdA en D66 dit te verdoezelen, maar wegmoffelen lukt niet.

In essentie is de kern van beleid het minimaliseren van de overheid als hoedster van het algemeen belang en het maximaliseren van de vrijheid van het individu, van instellingen en het bedrijfsleven. Het is de visie van de gegoeden die willen houden wat ze hebben, en dat zijn er in dit land velen. De middelen van de staat moeten in de zakken van de burger belanden en zijn dus niet meer toereikend voor een voorzieningenniveau dat past bij een modern, beschaafd land.

Er zijn altijd landen waar het erger is, zoals Groot-Brittannië. Maar in de kern wijkt het beleid van de VVD niet af van dat van de Conservatieve Partij aan de andere kant van de Noordzee. Maar anders dan dáár is hier een socialistische partij die zich deze conservatieve beginselen heeft eigen gemaakt.

De monsterzege van Bolkestein en de zijnen verhult het falen van de beide andere coalitiepartners, die hebben laten zien dat zij geen andere boodschap meer weten te bedenken.

Harry van Seumeren