Allochtone vrouwen met voorkeur voor zoon geholpen in klinieken Abortus meisjes-foetussen ontdekt

11 oktober 1994

Een onbekend aantal allochtone vrouwen laat zich in Nederlandse abortusklinieken aborteren, omdat een vruchtwaterpunctie of vlokkentest heeft uitgewezen dat zij zwanger zijn van een meisje. Een dergelijke test wordt weliswaar in geen enkele kliniek uitgevoerd, maar sommige vrouwen blijken elders al te zijn getest. De vrouwen willen liever een zoon, omdat die in hun cultuur de voorkeur heeft.

Van onze verslaggevers

DEN HAAG

Pas na afloop van de behandeling krijgen de hulpverleners soms van de vrouw te horen dat ze geen abortus had laten doen als de vrucht een jongetje was geweest.

Dergelijke praktijken in landen als China en India worden door de internationale gemeenschap - ook door de Nederlandse regering - scherp gekritiseerd. Op de VN-bevolkingsconferentie, vorige maand in Caïro, werd abortus op grond van geslachtstesten uitdrukkelijk veroordeeld; alle regeringen werden opgeroepen een eind te maken aan deze praktijken.

Dr A. D. Schipper, directeur van de abortuskliniek Bloemenhove in Heemstede, schat dat zijn kliniek zo'n drie keer per jaar wordt geconfronteerd met de mededeling achteraf dat de abortus werd gewenst op grond van het geslacht.

Dat is bij de hulpverleners in Bloemenhove hard aangekomen, zegt Schipper. 'En wij kennen die drie gevallen alleen maar, omdat de vrouwen Nederlands spraken. Of ook andere allochtone vrouwen om die reden abortus hebben laten uitvoeren, weten we niet, omdat ze een vreemde taal spreken.'

De behandelaars vonden het achteraf afschuwelijk, aldus Schipper. 'Ze blijken te hebben meegewerkt aan iets waar ze juist absoluut op tegen zijn. We zijn bezig met hulpverlening aan vrouwen die in een noodsituatie verkeren, omdat ze ongewenst zwanger zijn. Het meewerken aan het aborteren van een vrouwelijke foetus heeft daarmee niets te maken.'

Allochtone vrouwen blijken incidenteel de hulpverleners in de abortuskliniek te vragen wat het geslacht is van de foetus. De Stimezokliniek in Den Haag laat weten: 'Dan wordt gezegd: als het een jongetje is, hou ik het, maar als het een meisje is, niet.'

De Haagse kliniek voert abortussen uit bij vrouwen die niet langer dan drie maanden zwanger zijn. Het geslacht van de vrucht is dan nog niet vast te stellen, zodat de kliniek geen antwoord kan geven op de vraag van de vrouwen.

In de klinieken in Maastricht en Heemstede worden wel oudere foetussen geaborteerd. Maar ook daar weigeren de hulpverleners antwoord te geven, als een vrouw vraagt of de vrucht een jongetje of een meisje is.

Vruchtwateronderzoek wordt in geen enkele kliniek gedaan. 'Gelukkig is het in Nederland niet toegestaan om een vlokkentest of een vruchtwateronderzoek te doen enkel en alleen om het geslacht vast te stellen', aldus directeur M. Alblas van de Bourgonjekliniek in Maastricht.

Volgens haar gebeurt dat ook in het buitenland niet. Maar ze erkent dat de hulpverleners in haar kliniek 'ernstig in het nauw zouden raken', als onderzoek met het uitsluitende doel het geslacht van de foetus vast te stellen, wel toelaatbaar zou zijn. 'Ons uitgangspunt is: de vrouw beslist. Dat wil zeggen: we aborteren, tenzij er zwaarwegende redenen zijn om dat niet te doen. Dat de vrucht een meisje is, is op zichzelf geen zwaarwegende redenen. Maar aan de andere kant: als een kind niet gewenst is. . .'

Directeur Schipper van Bloemenhove heeft de ervaring dat allochtone vrouwen inmiddels wel weten dat het zinloos is om naar het geslacht van de foetus te vragen, omdat de abortuskliniek dat niet onderzoekt. Daarom laten ze de test tevoren doen.

Vrouwen van 36 jaar en ouder hebben volgens de Nederlandse ziekenfondswet recht op een vruchtwaterpunctie of vlokkentest, omdat zij vanwege hun leeftijd een verhoogde kans lopen een kind met Down's syndroom ('mongool') te krijgen. Wie jonger is, kan die test op eigen kosten laten uitvoeren. In het buitenland is een dergelijke test vaak al voor jongere vrouwen beschikbaar, aldus Schipper.

Hoewel de test niet wordt uitgevoerd met het oog op de geslachtsbepaling van de foetus, geeft ze daarover wel uitsluitsel. Veel vrouwen die de test ondergaan, willen inderdaad graag weten of ze zwanger zijn van een jongetje of een meisje.

Schipper ziet geen mogelijkheden om deze abortuspraktijk van allochtone vrouwen te verhinderen. 'Er is geen systeem te ontwerpen waardoor je dat gewaar kunt worden. Wij zijn geen rechercheurs, we gaan alleen na of een vrouw in nood verkeert vanwege een ongewenste zwangerschap.'

Het afdrijven van vrouwelijke foetussen komt veel voor in sommige ontwikkelingslanden. De praktijk is internationaal aan scherpe kritiek onderhevig.

Berucht is de sekse-gebonden abortuspraktijk in China, waar de overheid streeft naar één kind per gezin. Veel ouders willen per se een zoontje.

Ook in India gebeurde het de afgelopen jaren steeds vaker. Na toenemende protesten, met name van vrouwengroepen, heeft de Indiase regering in juli geslachtsbepaling van de foetus verboden.

Ook in het slotdocument van de VN-bevolkingsconferentie, vorige maand in Cairo, wordt stelling genomen tegen sekse-selectie bij abortus. Het wordt gezien als een van de uitingen van onderdrukking van vrouwen. Empowerment (het versterken van de positie) van vrouwen is - in niet geringe mate door de inbreng van westerse landen - aangewezen als centrale doelstelling van het bevolkings- en ontwikkelingsbeleid.

In de met brede consensus aangenomen slottekst wordt opgeroepen 'een eind te maken aan alle vormen van discriminatie tegen meisjes en aan de oorzaken van de voorkeur voor jongens, die resulteert in schadelijke en onethische praktijken als het doden van babymeisjes en prenatale geslachts-selectie'.

'De regeringen worden opgeroepen alle nodige maatregelen te nemen om infanticide, prenatale geslachts-selectie, handel in meisjes en gebruik van meisjes in prostitutie en pornografie tegen te gaan.'

In Nederlandse ziekenhuizen werden in 1993 25.937 abortussen en 3578 overtijd-behandelingen uitgevoerd. De meeste vrouwen (19.804) kwamen uit Nederland; 4502 uit Duitsland, 2497 uit België of Luxemburg, 47 uit Spanje, 2636 uit andere landen (een groeiend aantal uit Oost-Europa) en van 29 was de herkomst onbekend.

In vijf jaar tijd nam het aantal buitenlandse vrouwen dat in Nederland een abortus onderging, af met 20 procent. Verreweg de meeste abortussen (23.711) worden uitgevoerd in abortusklinieken. Daarvan betreft het in 3980 gevallen zwangerschappen tussen drie en zes maanden.