stefan stefan 2 3 2008-01-08T21:18:00Z 2009-03-08T17:07:00Z 1 994 5470 zuid 45 12 6452 10.2625 120 Clean 21 MicrosoftInternetExplorer4

Wat het  

Bas

 

Een van de zieligste televisieprogramma's van dit moment is De stem van Nederland. Dit discussieprogramma over actuele kwesties wordt iedere werkdag door SBS6 uitgezonden en gepresenteerd door onder anderen Ton van Royen, eens een aanstormende televisiejournalist, inmiddels afgegleden naar diepte-interviews met stomdronken jongeren aan de Spaanse stranden en uitgezakte nudisten (hoogtepunt van het afgelopen televisieseizoen was zijn gesprek met een blote klusjesman, die alvorens met zijn timmergereedschap de ladder van een vakantiehuisje op te klimmen, eerst gehoorzaam een broekje aantrok ,,Tja, de ARBO-wet'').

 

In dit nieuwe programma heeft hij mannen zoals hijzelf om zich heen verzameld: jongens van middelbare leeftijd die hopeloos tussen de wal van hun ambities en het schip van hun beperkte talenten bekneld zijn geraakt. Nog net op tijd is de geest van Pim over hen vaardig geworden: zij hebben zich aan de kant van het geschaard, waar al die paarse jaren niemand naar heeft willen luisteren. Vaste vijand is het establishment, dat inmiddels helemaal gelijkstaat aan links en synoniem is voor elite. Voor de dynamiek zorgt de permanente verongelijktheid van het vermeende Volk, dat door dat establishment telkens weer een oor wordt aangenaaid, dat eindeloos gepiepeld is vanuit directiekamers en politiek-correcte bestuurscolleges en bevooroordeelde krantenredacties.

 

Heilige verontwaardiging is de grondtoon van Ton en zijn vrienden; hun volkse meningen worden steeds weer bevestigd door de opiniecijfers van Maurice de Hond, nog zo'n man die zichzelf een tijdje geleden in de uitverkoop heeft gedaan. Die cijfers van hem zeggen helemaal niets, hun achtergrond blijft volkomen onduidelijk, maar dat moet ook: het is immers het Volk dat spreekt, het dat nooit meer gehoord werd - tot Pim kwam.

 

Ik moet er wel om lachen, al die mannen die wanhopig proberen hun midlifecrisis te bezweren door zich vast te klampen aan de tijdgeest - zoals professor Henri Beunders, die zich na een gefnuikte carriŤre als mediaprofessor tegenwoordig op iedere oprisping van de massacultuur stort en die probeert te duiden met cultuurkritische dooddoeners. Constante in al zijn betogen is het definitieve faillissement van de door hem zo gehate elite, die zich in zijn hoofd, zo bleek uit een artikel van hem vorige week in deze krant, de levensstijl van de Ceausescu's heeft aangemeten en de discussiemethoden van de Gestapo. In benevelde hoofden als de zijne is Big Brother oneindig veel belangrijker dan de Reformatie en de Franse Revolutie, want bij de laatste twee waren nog geen televisiecamera's.

 

Maar wat De Stem van Nederland tot zo'n droevig programma maakt, is niet de trieste aanblik van die zelfbenoemde Robin Hoods, die hun eigen misŤre gewicht hopen te geven door haar te koppelen aan het ressentiment van de ontevreden kiezer. Het is de misvatting dat het volk een eigen wil heeft.

 

Wat zijn struikelende slippendragers bij SBS6 over het hoofd zien, werd door Pim Fortuyn instinctief heel goed aangevoeld: in een massacultuur willen mensen de macht over zichzelf hebben en tegelijkertijd geleid worden. De consument eist de vrijheid op om zich te conformeren. Fortuyn was de leider die het volk de macht terug zou geven; hij was Mozes die zijn volk naar de vrijheid zou leiden en de man die mensen volledig over zichzelf zou laten beschikken. Dat is een onmogelijke spagaat, maar een die alle obsessies van de tijdgeest in zich draagt. Je vindt hem dan ook niet alleen bij de Nieuwe Politiek, maar overal.

 

Ook het cultuurdebat wordt er door bepaald. Hannah Belliot, de nieuwe Amsterdamse wethouder van cultuur, bepleit met een stalen gezicht het opheffen van het onderscheid tussen professionele en amateurkunst. Met andere woorden: wat de elite kan, of in dit geval de artistieke avant-garde, dat kan het volk ook, misschien zelfs wel beter. Het oude socialistische ideaal dat de kunst naar het gebracht moet worden, wordt hier gecorrumpeerd door ressentiment. Het kan het beste zijn eigen kunst maken, het heeft helemaal geen avant-garde meer nodig.

 

Dat is een waanidee. Niemand kan ontkennen dat in een massacultuur de politieke elite of de artistieke avant-garde een heel andere positie inneemt dan in een overzichtelijke hiŽrarchische samenleving. De consument maakt nu de keuze, hij bepaalt. De voorhoede staat niet meer boven de massacultuur, maar maakt er nu onderdeel van uit, is er economisch sterk afhankelijk van. Geen wonder dat alle cultuurwethouders en museumdirecteuren tegenwoordig heftig geÔnteresseerd zijn geraakt in de intense relatie tussen kunst en economie, Belliot voorop.

 

Maar de massa kan nog steeds niets zonder avant-garde. Aan zichzelf overgelaten kan het door Ton en Henri geheiligde nog geen ei bakken. Alle politieke ideeŽn en visies en hervormingen, alle artistieke vernieuwingen en ook het entertainment komen voort uit een kleine groep mensen. Zij hebben de markt nodig, maar de markt heeft hen net zo hard nodig.

 

Dat er in die nieuwe constellatie tussen de voorhoede/establishment/elite enerzijds en de massa anderzijds spanningen ontstaan, het kon ook niet anders. In een consumentencultuur is iedereen klant en dus koning - en daarom is het onverdraaglijk om te moeten beseffen dat je ook afhankelijk bent. Je hebt immers de macht, dus waarom zou je de ideeŽn ook niet hebben?

 

Je ziet het ook aan de ongemakkelijke verhouding in Nederland tussen het koningshuis en het . In de traditionele monarchie staat het koningshuis boven het , maar in een massacultuur heeft het allang ontdekt dat het de monarchie geheel en al in zijn macht heeft - het koningshuis heeft recht van bestaan zolang er een markt voor is. Maar schaf de monarchie af en het staat met lege handen. Dus ook daar die vreemde spagaat: het verlangt dat de koningin een Moeder des Vaderlands wordt, en een beetje snel graag. Anders krast ze maar op.

 

De heersende politieke en artistieke elites hebben op een pijnlijke manier moeten ontdekken dat zij het zijn die beheerst worden door de mensen die zij dachten te regeren. Maar het Volk van Ton en Henri zal er straks achterkomen dat ze ondanks de macht van het getal, de invloed van de markt, op politiek en cultureel gebied toch altijd geregeerd zal worden door een kleine groep, altijd afhankelijk zal blijven van hogere machten die de toon aangeven. Het is een wederzijdse wurggreep.