Vaderlands verleden in eenvoud - Door H.L. Wesseling

Wij leven in postmodernistische tijden en wij weten het. Niets is meer zeker - en zelfs dat niet. Onze nationale identiteit staat ter discussie. De band met het verleden is losser geworden. Daarom moeten wij ons gelukkig prijzen dat onze regering 'een stuk zekerheid' heeft geschapen. Zij heeft niet alleen een officiŽle samenvatting gemaakt van de geschiedenis van ons land, maar zelfs niet geaarzeld de burgers te verplichten dit overzicht aan te schaffen en bij bepaalde gelegenheden bij zich te dragen. Sterker nog, de overheid vraagt meer dan honderd gulden voor dit boekje, dat toch slechts tweeŽndertig pagina's telt. Geen boekhandel zou het willen verkopen, maar dat hoeft ook niet. Het gaat hier namelijk niet om een lees- of leerboek, maar om het nieuwe paspoort, dat in vijftienhonderd woorden een kort begrip van de Nederlandse geschiedenis bevat.

Het vergt, wegens de speciale fraudeveilige druktechniek, enige moeite de tekst te lezen, maar het resultaat is de moeite waard. Wie heel goede ogen heeft, zal overigens een verrassende ontdekking doen. Wat op het eerste gezicht aandoet als zwarte lijnen die bedoeld zijn om punctuele grenscontroleurs behulpzaam te zijn bij het correct plaatsen van hun stempels, zijn in feite in minuscule zwarte lettertjes gedrukte teksten, die ook over de Nederlandse geschiedenis gaan. Aangezien de regering echter kennelijk niet beoogt dat de burgers hiervan kennis nemen, kan deze tekst hier verder buiten beschouwing blijven.

Welk geschiedbeeld rijst uit dit reisdocument op? Misschien kunnen wij het omschrijven als: vertrouwd maar toch wel vreemd. Dat blijkt als wij zien welke personen uit de vaderlandse geschiedenis met name worden genoemd. Dat zijn de volgende: Karel de Grote, Floris V, Erasmus, Karel V, Maria van Hongarije, Luther, Calvijn, Willem van Oranje, Philips II, Oldebarnevelt, Johan de Witt, Rembrandt, Christiaan Huygens, Antonie van Leeuwenhoek, Piet Hein, Michiel de Ruijter, Maarten Harpertszoon Tromp, Willem III (de stadhouder-koning), Heinsius, Kaat Mossel, stadhouder Willem V, koning Willem I, Van Speyk, Multatuli, Thorbecke, Buys Ballot, Donders, Van Gogh, Van der Leck, Aletta Jacobs, Berlage en Zadkine. In totaal tweeŽndertig dus. Als wij Karel de Grote, Karel V, Maria van Hongarije, Luther, Calvijn, Philips II en Zadkine buiten beschouwing laten, houden wij zevenentwintig Erflaters onzer beschaving over. Vergelijken wij deze met de zesendertig door Jan en Annie Romein in 1938 uitgezochte, dan zien wij enkele opmerkelijke verschillen. Dertien personen vinden wij ook bij de Romeins, te weten Erasmus, Willem van Oranje, Oldebarnevelt, Johan de Witt, Rembrandt, Christiaan Huygens, Michiel de Ruyter, Koning Willem I, Multatuli, Thorbecke, Donders, Van Gogh en Berlage. Maar drieŽntwintig van de erflaters van de Romeins ontbreken in het paspoort en daar zijn enkele zeer opvallende bij. Filips van Leiden en Geert Grote zullen niet door velen worden gemist, voor Coen schaamt men zich wellicht, maar Vondel, Boerhaave, Spinoza en Hugo de Groot, zijn die niet belangrijker dan al die zeehelden?

Het paspoort bevat veel namen, maar geeft slechts weinigen de eer van een portret: Erasmus, Karel V, Willem van Oranje, Willem III, Heinsius en Thorbecke. (De oude Drees is wel afgebeeld, maar zijn naam wordt niet genoemd.) Wie verbaasd is dat Heinsius een portret kreeg en zijn grote voorgangers Oldebarnevelt en De Witt niet, kan enigszins worden gerustgesteld door het feit dat Oldebarnevelt een nog hogere eer te beurt is gevallen: zijn onthoofding is een van de weinige gebeurtenissen waarvan een afbeelding is opgenomen. Er zijn slechts vier van zulke taferelen: Floris V vermoord, Oldebarnevelt onthoofd, Koning Willem I landt in Scheveningen en Van Speijk blaast zichzelf en zijn schip de lucht in, dramatische en bloedige taferelen die stellig zullen appeleren aan de smaak van de zappende TV-generatie.

Deze namen en gebeurtenissen geven een indruk van de aandacht die de verschillende takken van de geschiedenis krijgen. De politiek is met maar liefst dertien personen vertegenwoordigd (of zelfs vijftien, als men Kaat Mossel en Aletta Jacobs daar ook toe rekent). Onder die dertien zijn negen koningen, keizers en stadhouders, van wie vier Oranjes. De militaire geschiedenis is uitsluitend vertegenwoordigd door vier admiraals, wat een klap moet zijn voor de Koninklijke Landmacht. De cultuurgeschiedenis telt twaalf namen, onder wie naast Erasmus de twee hervormers Luther en Calvijn, drie schilders, Rembrandt, Van Gogh en (nogal verrassend op dit niveau) Bart van der Leck, de architect Berlage, vier geleerden (Huygens, Van Leeuwenhoeck, Buys Ballot en Donders) en slechts ťťn schrijver, Multatuli. De sociaal-economische geschiedenis tenslotte levert geen namen op, tenzij men Kaat Mossel of Aletta Jacobs onder die noemer wil brengen.

Opvallend is niet alleen het grote aantal vorsten, maar ook het feit dat de grote namen vooral uit de zestiende en zeventiende eeuw stammen. De tijd vůůr 1500 levert slechts twee namen op (die van Karel de Grote en Floris V), de zestiende eeuw acht, de zeventiende eeuw negen, de achttiende eeuw twee, de negentiende eeuw negen (als men Aletta Jacobs en Berlage als negentiende-eeuwers beschouwt) en de twintigste eeuw alleen Van der Leck en Zadkine. Het is een vertrouwd beeld: Nederland ontstaat in de zestiende eeuw, kent in de zeventiende eeuw zijn grootste bloei, raakt in de achttiende eeuw in verval en komt in de negentiende eeuw op verschillende gebieden terug.

Hoewel deze visie dus in vele opzichten traditioneel is, weerspiegelt zij in ťťn opzicht onze moderne preoccupaties. Van de achtentwintig pagina's gaan er maar liefst acht (dat is dus meer dan een kwart) over de twintigste eeuw, waarvan vier over de naoorlogse periode. Het hodiecentrisme heeft ook hier dus krachtig toegeslagen.

Er is ten slotte ťťn brandende kwestie waar wij niet om heen kunnen en dat is de plaats van de vrouw in deze geschiedenis. Welnu, het is duidelijk dat het hiermee bedroevend is gesteld. Slechts drie vrouwen worden met name genoemd: Maria van Hongarije, Kaat Mossel en Aletta Jacobs, en dan is Maria van Hongarije nog niet eens een Nederlandse. Wij vinden wel vier Willems van Oranje, maar niet koningin Wilhelmina. Dit kan zo niet en ik wil dan ook vanaf deze plaats oproepen tot harde acties.

Datum:

26-10-1995

Sectie:

Opinie

Pagina:

9

Op dit artikel rust auteursrecht van NRC Handelsblad BV, respectievelijk van de oorspronkelijke auteur.