Schumpeterregeert in het nieuwe kapitalisme

Door onze redacteur MICH»LE DE WAARD 24 DECEMBER 1994 NRC

Eindelijk is de economische stemming in Nederland omgeslagen. Nog geen twee jaar geleden stelde het Centraal Planbureau (CPB) vast dat de Nederlandse economie nauwelijks groeide. Doemscenario's stapelden zich op. Inmiddels wordt voor het komend jaar gerekend op 3 procent groei. Het conjuncturele herstel zet volgens Planbureau-directeur H. Don zonder meer door.

De verklaring voor deze omslag ligt in de sterk aantrekkende wereldhandel. Nieuwe economieŽn in AziŽ, maar ook Amerika en Europa blijken gretige kopers. Het klinkt mooi. Maar wie profiteert er van dit opmerkelijke herstel - de aandeelhouder, de burger of wordt de tweedeling groter? En ontstaat in het Westen door de internationalisering van de economie een elite van goed betaalde 'kenniswerknemers' die de vruchten van de groei plukt en een grote groep inferieur betaalden? De economie-redactie ging op onderzoek. Wat blijkt?

Nederlandse bedrijven zwemmen in het geld. Ze hadden halverwege dit jaar bijna 136 miljard gulden bij de bank staan. Tien jaar geleden was dat minder dan de helft. Het riante huishoudboekje van ondernemingen lijkt in fel contrast met de wereld buiten de bedrijfspoorten. Werknemers zijn onzeker over hun banen en hun toekomst. De overheid moet bezuinigen. Sociale voorzieningen lopen terug, mensen met een minimuminkomen gaan in koopkracht achteruit en bedrijven gaan door met het afstoten van banen. Ook de dienstensector doet nu wat in de industrie al langer gebeurt.

Marx is dood maar zijn voorspellingen komen uit: het kapitaal internationaliseert, maar de mens raakt vervreemd in het arbeidsproces. Deze ontwikkeling heeft alles te maken met de informatie-revolutie en de val van het communisme. De spelers op de wereldmarkt hoeven zich aan overheden, centrale banken of nationale grenzen niets meer gelegen te laten liggen. De Amerikaanse econoom Milton Friedman spreekt van een nieuwe economische revolutie die vergelijkbaar is met de IndustriŽle Revolutie van de achttiende eeuw. Nieuwe banen zijn niet meer in de fabriek te vinden, maar in de telecommunicatie, de elektronica, de biotechnologie, software en amusementswereld.

De mondialisering van de economie geeft het kapitalisme een nieuw gezicht. De opkomende economieŽn kennen nieuwe rijkdom en nieuwe consumenten. Maar er zijn ook bedreigingen. De globalisering leidt vooral in West-Europa tot het vertrek van heel wat industriŽle bedrijvigheid naar sterk opkomende lage lonen-landen in AziŽ, Oost-Europa en Latijns-Amerika. Betekent de verschuiving van markten en economische machtsverhoudingen het einde van het Rijnlandse model zoals wel wordt voorspeld?

Welnee. Politici in Nederland willen dat niet, noch werknemers en werkgevers. "Wij willen hier geen Amerikaanse toestanden. Zulke grote inkomensverschillen en armoede op straat, dat past niet in onze cultuur", zegt topman G. van Reenen van krantenpapierfabriek Parenco en voorzitter van de Algemene Werkgevers-Vereniging.

Maar een vleugje economisch Darwinisme in het Rijnlandse model is onontkoombaar en inmiddels al merkbaar. De levenslange 'baan' zoals menigeen die gekend heeft verandert. Bij de volgende saneringsronde moet nu ook de veertiger die tot zijn pensioen van werk verzekerd leek te zijn, het veld ruimen. Werknemers worden automatisch gedwongen meer risico's te nemen en kansen te pakken. Kortere arbeidscontracten komen in zwang. Het aantal mensen met een tijdelijk dienstverband neemt toe. En de inkomensverschillen worden groter.

"De tijd dat je redelijk beschermd was in het Rijnlandse model is voorbij", stelt CDA-denker en Rabo-bankier H. Wijffels. De welvaartsstaat met actieve vakbonden en goede sociale voorzieningen maakt arbeid in West-Europa duur, in tegenstelling tot Amerika, en dus gaan bedrijven door met forse kostenbesparingen. "Hoge lonen hoeven geen probleem te zijn, als de produktiviteit maar hoog genoeg is", zegt Akzo Nobel-topman C. van Lede. Desondanks is het volgens de voormalig VNO-voorzitter een onvermijdelijk proces dat de industrie met minder mensen meer produkten maakt. Van Lede: "Vernieuwing is niet tegen te houden. Bij de vezeltak van Akzo Nobel wordt nu met 16.500 mensen hetzelfde aantal tonnen gefabriceerd waar in 1970 nog 40.000 werknemers voor nodig waren."

De verharding van de internationale concurrentie maakt bedrijven in West-Europa ongeduldig. Gaan de aanpassingen niet snel genoeg, dan worden drastische stappen gezet. Zo liet de grote Zweeds-Zwitserse machine-fabrikant ABB eerder deze maand weten dat het een fabriek in West-Duitsland zal sluiten, die weer wordt opgebouwd in het Poolse Gdansk. Sociale en belastinghervormingen laten te lang op zich wachten, vindt ABB.

Akzo Nobel-voorzitter Van Lede verwijst niettemin naar Duitsland waar noodzakelijke aanpassingen in fabrieken thans sneller verlopen dan in Nederland.

"Oude banen verdwijnen, nieuwe banen ontstaan elders in nieuwe industrieŽn", zegt Van Lede. Hij wijst erop dat Akzo Nobel na de roemruchte bezetting van Enka in Breda jarenlang cash flow van Pharma heeft gebruikt om het bedrijf open te houden, wat de groei bij Pharma remde.

Schumpeterregeert. Posthuum krijgt de Oostenrijks-Amerikaanse econoom die in 1950 overleed, gelijk met zijn theorie van de 'creatieve destructie'. Maar levert deze voldoende banen op om de hoge werkloosheid in Nederland en West-Europa op te vangen? Volgens het CPB komen er in 1995 naar schatting 75.000 nieuwe banen bij, wat slechts genoeg is om de nieuwe werknemers op de arbeidsmarkt op te vangen. De tragiek is dat Nederlandse bedrijven wŤl werk scheppen, maar in het buitenland. De waarde van de buitenlandse overnames door Nederlandse bedrijven steeg de eerste helft van dit jaar met 50 procent. Wil de werkgelegenheid in Nederland serieus aantrekken, dan moet de economie harder groeien, meent CPB-directeur Don. Met de discussie over herverdeling van werk slaan we volgens hem de verkeerde weg in. Herverdelen betekent achteruitgang.

Het jaar 1995 moet volgens minister H. Wijers van economische zaken het jaar van de oplossingen worden. Deze week maakte hij een aantal maatregelen bekend om de Nederlandse economie te liberaliseren: meer vrijheid in het taxi-bedrijf, de advocatuur, de telecommunicatie en het winkelbedrijf. Het Paarse kabinet lijkt bij uitstek geschikt om een vernieuwende bries door het Rijnlandse model te laten waaien.