Ruim 300 mln steun van EU voor Flevoland
Door onze Amsterdamse redactie 26 mei 1994 NRC


AMSTERDAM, 26 MEI. De Europese Commissie heeft gisteren ingestemd met de toewijzing van 150 miljoen ecu (ruim 300 miljoen gulden) voor de ontwikkeling van Flevoland tussen 1994 en 1999.

R. Roukes van de projectgroep Europa van de provincie is "zeker niet ontevreden". Met zijn regionaal ontwikkelingsprogramma had Flevoland 'hoog' ingezet op een subsidie van in totaal 350 miljoen ecu. In eerste instantie werd ervan uitgegaan dat de EG tussen de 200 en 300 miljoen ecu zou bijdragen.

Volgens Europees Commissaris Bruce Millan (regionaal beleid) zal de Europese steun een wezenlijke bijdrage leveren aan de sociaal-economische ontwikkeling van Flevoland. Het belangrijkste doel van de financiŽle impuls is het stimuleren van de werkgelegenheid in de polder. De commissie onderscheidt vier groeisectoren in Flevoland: het midden- en kleinbedrijf, het toerisme, de verwerkende landbouwindustrie en de visserij.

Twee projecten op het gebied van de infrastructuur krijgen samen 28 miljoen ecu steun. Er komt een aansluiting van de rijksweg A27 op de A6, en de provinciale weg N50 wordt aangepast. Ook de ontwikkeling van het beroepsonderwijs in Flevoland staat hoog op de lijst.

Vorig jaar juli kwamen de Europese ministers van buitenlandse zaken overeen dat extra subsidies zouden worden toegekend aan 'arme regio's' in Europa. Voorwaarde voor de EG-subsidie is dat de projecten voor de helft gefinancierd worden door de regionale en nationale overheid, en door het bedrijfsleven. Volgens gedeputeerde P. Loos van Flevoland is daaraan voldaan.

Met subtiel gebruik van de statistieken heeft Flevoland (dat zo'n 250.000 inwoners telt) zich in de positie van arme regio gemanoeuvreerd. Geld dat buiten de grenzen van de polder wordt verdiend, is niet meegeteld bij het vaststellen van het inkomen per hoofd van de bevolking. In de provincie met tienduizenden forensen is dat een flink bedrag. De forensen zijn wel meegerekend waardoor de gemiddelde Flevolander onder de Europese armoedegrens verdween: 75 procent van het gemiddelde bruto nationaal produkt van de EG.