Roodkapje en de wolf - Harry van Seumeren - april 1995

Vaak, zegt de rekenkamer , hebben de regering en parlement zich niet afgevraagd wat ze nu eigenlijk beogen met het verzelfstandigen van overheidsdiensten. Het belangrijkst schijnt te zijn dat de kosten van deze diensten niet meer op de rijksbegroting drukken.

Maar is er nagedacht over het nut van de verrichtingen van een dienst, of ze nu is ondergebracht bij een departement of zelfstandig is gemaakt.

Het algemeen belang verreist dat bepaalde activiteiten van overheidswege worden geregeld. Dat geldt voor een goed openbaar vervoer, het beveiligen van het vliegverkeer, het vaststellen van octrooien, financiering van de omroepen.

de rijksoverheid houdt er tegenwoordig een paar modieuze opvattingen opna. De ene is dat uitgaven van het rijk worden verlaagd door takn af te schuiven naar de gemeenten. Het rijk vertaalt het financiele voordeel in een lager tekort en de gemeenten zijn gedwongen de lasten van de burger te verhogen of de voorzieningen te schrappen.

De andere opvatting is dat de economie en dus de burger altijd beter af zijn als de rijksoverheid minder doet. De Markt mag het doen en die dat per definitie beter. Het rapport van de rekenkamer doet vermoeden dat een geloofbelijdenis zonder na te denken, weinig zoden aan de dijk zet