Wijers:'Nederland moet zich uit de problemen weg investeren' - Door Frank van Empel 4 mei 1996 NRC

Minister Wijers (Economische Zaken) kent eigenlijk maar ťťn recept voor Nederland. "Dat we ons als land uit de problemen weg moeten investeren." Wijers is geÔnspireerd door de econoom Schumpeter en zijn theorie van de 'creatieve destructie'. De overheid moet in zijn ogen de "aanjager van vernieuwing" zijn. Eergisteren schudde hij ondernemend Nederland op met plannen voor een strenge anti-kartelwetgeving. Een politiek dier is Wijers niet. "Als de typische partijpolitici het voor het zeggen hebben, komen we in een grijze middenkoers terecht." Een gesprek met een ondernemer in de politiek, vol vertrouwen in zijn partij en zeker ook zichzelf. "VVD en PvdA profileren zich het best, maar de wijsheid zit vaker bij ons."

"Weet je wat mijn grootste zorg is? Een mediocre koers. Middelmaat. Dat kunnen we ons niet permitteren. Middelmaat is: je tevreden stellen met een economische groei van anderhalf, twee procent. Dat is muddling through, stuck in the middle. Dan valt er niks leuks te melden. Bij een groei van 2 procent per jaar zullen we permanent blijven worstelen met de overheidsfinanciŽn en met het werkgelegenheidsvraagstuk. Omdat de bevolking toeneemt zal de welvaart per hoofd dalen. Als land zakken we dan geleidelijk aan weg. We investeren onvoldoende in het milieu, in infrastructuur en kennis."

Minister Hans Wijers (Economische Zaken) wil mťťr: minstens 3 procent groei per jaar. En hij vindt zo'n groeibeleid "typisch D66". Wijers: "Sinds begin jaren tachtig hebben wij de consistente lijn ontwikkeld dat we ons als land uit de problemen weg moeten investeren. De overheid speelt daarbij een belangrijke rol, als katalysator, als aanjager van vernieuwing".

De twee coalitiepartners PvdA en VVD zijn volgens de minister van Economische Zaken helemaal niet zo geÔnteresseerd in groei. "Zij zijn dol op verdelingskwesties. Dat is wat socialisten en liberalen - de twee partijen die volgens VVD-leider Bolkestein uiteindelijk over zullen blijven - onderscheidt. Met een zekere wellust storten PvdA'ers en VVD'ers zich telkens weer in discussies over koopkrachtplaatjes. Eendagsvliegen zijn dat. Eťn of twee dagen later liggen die koopkrachtcijfers vaak al weer anders."

Wijers, die door velen als de kroonprins van D66-leider Van Mierlo wordt beschouwd, vindt de politieke tweedeling van Bolkestein "onzin". Volgens hem is er wel degelijk een cruciale rol voor D66 weggelegd. Zowel in het kabinet als daarbuiten. "Zonder D66 zou zo'n kabinet met PvdA en VVD er niet zijn geweest. Wij zijn de brug waarover zij lopen." Nee, voorbeelden noemt hij niet. Wijers gekscherend: "Die zijn er wel, maar die ga ik niet naar ons toerekenen. Dat zou de cohesie binnen het kabinet niet ten goede komen. Wij zorgen voor de balans. VVD en PvdA profileren zich het best, maar de wijsheid zit vaker bij ons."

Het groeibeleid dat volgens Wijers typisch D66 is, wordt ook nog economisch onderbouwd. Het D66-denken is volgens de minister sterk beÔnvloed door de Amerikaans-Oostenrijkse econoom Joseph Schumpeter (de man van de "creatieve destructie" en de dynamiek van het ondernemerschap) en de Amerikaanse economisch-historicus Alfred Chandler. Diens boek Scale and scope, the dynamics fo Industrial Capitalism, prijkt bij hem thuis prominent in de boekenkast. Groei en institutionele verandering, daar draait het om bij Wijers.

Het klinkt als een pijnloze en dus populaire remedie voor de werkloosheid: meer groei, jezelf uit de problemen investeren. Maar volgens Wijers is dat maar schijn. De groei komt niet vanzelf, zegt hij. Daar zullen pijnlijke keuzen voor moeten worden gemaakt. "Het begint allemaal met het ťcht te willen", aldus Wijers. "Met te zeggen: 'we willen verdomme 3 procent groei'. Dat is typisch een ondernemersbenadering. In de politiek gaat het namelijk niet zo dat er ťťn doelstelling wordt gekozen, waar al het andere ondergeschikt aan wordt gemaakt. Maar zo zou het wel moeten!"

Tijdens zijn ministerschap, dat nu bijna twee jaar duurt, is hij cynisch geworden. "Als de typische partijpolitici het voor het zeggen hebben, dan komen we inderdaad in zo'n grijze middenkoers terecht van: een beetje geven en een beetje nemen. Dat past in onze pacificatiedemocratie". Wijers hoort er dus nog niet echt bij. Hij is nog geen politiek dier geworden, ook al vervangt hij Van Mierlo tijdens ministerraden.

In de gang voor zijn werkkamer hangen de portretten van zijn voorgangers: Den Uyl, Andriessen, Langman, maar ook Hein Vos. De grote man achter het Plan van de Arbeid uit de jaren dertig. Hij was minister van Economische Zaken vlak na de Oorlog. Wijers heeft niet zoveel affiniteit met 'plannen'. Maar het is hem niet ontgaan dat ze ook in het omringende buitenland opgeld doen. BelgiŽ heeft sinds vorige maand zijn Contract for the future, Duitsland zijn Alliance for jobs. "Je noemt het maar zoals je wilt", zegt Wijers.

Wijers' Plan voor meer Groei omvat zowel oude als nieuwe maatregelen. Eerst de oude:

1. Voortgezette loonmatiging
Het principeakkoord dat Philips twee weken geleden met twee vakbonden voor middelbaar- en hoger personeel heeft afgesloten en dat een loonsverhoging van 6 procent voor 2 jaar bevat en het loonbod van Unilever (3 procent per 1 maart dit jaar en 2 procent volgend jaar), vormen volgens Wijers "niet het begin van een loongolf". "Het gaat om de arbeidskosten per eenheid produkt. Daar praten Timmer van Philips en Tabaksblat van Unilever altijd over als ik hen tegenkom. Die kosten bepalen het concurrentievermogen van een onderneming, niet de bruto lonen. Die loonstijging bij Philips is maar een deel van de arbeidskosten. De sleutel zit waarschijnlijk in die andere componenten, zoals de pensioenen. Door over te gaan op een ander pensioensysteem spaart Philips loonkosten uit. Hoeveel, dat zeggen ze niet. Maar ik ga ervan uit dat een onderneming die zo is gefixeerd op loonkosten geen te duur arbeidscontract afsluit. Voortgezette loonmatiging is absoluut cruciaal voor de creatie van meer banen." De concurrentievoorsprong die Nederland dank zij de loonmatiging heeft gekregen op de belangrijkste handelspartner Duitsland (20 procent lagere arbeidskosten per uur) mogen we volgens Wijers niet uit handen geven. "Integendeel, die voorsprong moeten we verder uitbouwen."

2. Doorgaan met het gezond maken van de overheidsfinanciŽn "Op dit punt liggen we goed op koers. Na de besluitvorming van het vorige weekend in het kabinet kunnen we stellen dat we keurig binnen de normen van de Economische en Montetaire Unie (EMU) zitten. We kunnen nu de omslag maken van een saneringsbeleid naar een groeibeleid. Dit jaar is het laatste jaar van ingrijpende saneringen in de overheidsuitgaven. Die pijn is dan geleden. We moeten dan alleen nog maar zorgen dat we de ingezette koers vasthouden. Dan komen we vanzelf uit op een financieringstekort van 2 procent".

Bij een financieringstekort van 2 procent zal de staatsschuld gaan dalen en dat betekent dat op den duur de rentelast - de op ťťn na grootste post op de rijksbegroting - afneemt. Er ontstaat dan ruimte voor andere, nuttige dingen. Bij een economische groei van 2 ŗ 3 procent per jaar heeft de collectieve sector 7 ŗ 10 miljard gulden per jaar beschikbaar voor lastenverlichting, meer uitgaven, of terugbrengen van de staatsschuld.

Wijers: "Ik heb de som niet precies in mijn hoofd, maar stel dat we 1 procent van het bruto binnenlands produkt, dat is 7 miljard gulden, per jaar beschikbaar hebben voor de collectieve sector, dan kunnen we daarvan ruim de helft besteden voor lastenverlichting. Dan is er nog 3,5 miljard per jaar over. Daarvan kan een deel worden aangewend voor nieuw beleid: infrastructuur, scholing, technologie."

Het nieuwe beleid valt uiteen in een kaleidoscoop aan maatregelen: 3. Lastenverlichting Hierbij denkt Wijers vooral aan verlaging van de werkgeverslasten. Daardoor wordt arbeid goedkoper en zal volgens de wetten van het marktmechanisme de vraag naar werknemers toenemen. Wijers: "Komende kabinetten zullen door moeten gaan met lastenverlichting. Op zijn minst in de orde van grootte van wat wij hebben gedaan. Wij zitten nu op 8 miljard lastenverlichting. En wat mij betreft mag daar, zeker in 1998 als de economie aantrekt, nog flink wat bijkomen. Als we echt menens willen maken met onze doelstelling werk, werk en nog eens werk, dan zal het zelfs meer můeten zijn. Van de 8 miljard lastenverlichting die al is gegeven is relatief te veel uitgetrokken voor verbetering van de koopkracht. Komende lastenverlichting zal daarom volgens de filosofie van het regeerakkoord moeten worden gegeven in de vorm van lagere werkgeverslasten. Dat is de meest effectieve manier om banen te creŽren."

Het piŤce de resistance van zijn 'Plan voor meer Groei' bestaat echter uit meer overheidsinvesteringen, of zoals Wijers het noemt: "de publieke aanbodzijde". De overheidsinvesteringen stagneren al meer dan twintig jaar. Als het aan Wijers ligt komt daar echter snel verandering in. Bij meer overheidsinvesteringen denkt Wijers aan infrastructuur (wegen, spoorlijnen), technologie, maar ook aan scholing. 4. Meer infrastructuur "Er moet ontzettend veel gebeuren. Het gaat niet alleen om de hoge snelheidslijn Zuid (HSL-Zuid), waarover we gisteren als kabinet een besluit hebben genomen, maar ook om de HSL-Oost, om een nieuw vliegveld, een metrosysteem door de Randstad. You name it. We hebben die discussie over de HSL-Zuid nu afgerond. Die gaat voor een klein stuk, 9 kilometer, onder de grond. Straks krijgen we ook nog de HSL-Oost. Die moet langs Utrecht en Arnhem, door de Veluwe heen. Dat is een gigantisch project. Daar zul je zien dat in toenemende mate met tunnels en allerlei innovatieve concepten wordt gewerkt. Daar moet geld voor komen. Veel geld. Bij ťťn tunnel heb je het al gauw over honderden miljoenen guldens."

Behalve in spoorlijnen zal er volgens Wijers ook in road pricing moeten worden geÔnvesteerd. "We zullen daar in dit land versneld naar toe moeten. Daar is ook veel geld voor nodig. Geen probleem. Doen! Er ontstaat ook steeds meer draagvlak voor, zo merk ik aan contacten die ik in en buiten Den Haag heb. Dit land slibt dicht. We zijn te veel bezig om dingen steeds weer op dezelfde manier te blijven doen. Het afrekenen van mensen op het aantal kilometers dat ze met de auto rijden is een vernieuwing waar ik volledig achter sta."

Ook in de beroepsbevolking zal meer geÔnvesteerd moeten worden. "Een hoge groei stelt flinke eisen aan de beroepsbevolking", zegt Wijers. "Ik heb het dan over dat modieuze woord employability. Arbeidsgeschiktheid zou je het ook kunnen noemen. Als we het hebben over arbeidsduurverkorting, dan zal het vooral daarom moeten gaan. Om het vrijmaken van tijd voor meer scholing. Je kunt dan denken aan leerlingwezenachtige constructies. Nu wordt het leerlingwezen fiscaal gestimuleerd voor lager opgeleiden. Je zou dat kunnen verbreden tot het hoger beroepsonderwijs." Er moet volgens Wijers ook meer geld komen voor de financiering van topinstituten en voor het ter beschikking stellen van onderwijs infrastructuur voor volwasseneneducatie.

Behalve geld voor overheidsinvesteringen zal er ook financiŽle brandstof moeten komen voor meer bedrijfsinvesteringen. Nederland bevindt zich met zijn investeringen in de middenmoot van de Europese Unie. Om 1 miljoen extra banen te creŽren zal er volgens Wijers echter meer moeten gebeuren. Hij heeft zijn oog laten vallen op de ruim 800 miljard gulden die op tamelijk risicoloze wijze worden belegd door de Nederlandse pensioenfondsen en levensverzekeringsmaatschappijen. Toen Wijers geld voor de overleving van Fokker probeerde los te krijgen weigerden deze beheerders van pensioengeld de helpende hand toe te steken. Te risicovol! Wijers wil het vastzittende spaargeld in beweging krijgen door institutionele veranderingen. Ofwel:5. Meer concurrentie tussen pensioenfondsen "Tussen de pensioenfondsen bestaat relatief weinig concurrentie. De vraag is of je dat niet moet losgooien. Er moet meer vrijheid zijn voor individuen of groepen werknemers om hun pensioencenten daar te beleggen waar ze er het meest voor terug krijgen. Het ene pensioenfonds zal het geld zo veilig mogelijk willen beleggen, het andere zoekt het meer in riskante beleggingen. Door pensioenfondsen over hun traditionele sectoren heen aanbiedingen te laten doen krijg je meer concurrentie in het systeem. Mensen kunnen dan zelf dat pensioenfonds uitzoeken dat in hun perceptie de ideale mix heeft van risico en rendement. Waarom zouden twee gehuwde ambtenaren hun geld allebei bij het ABP moeten stallen? Daar kan best wat meer beleggingsvrijheid worden geÔntroduceerd."

Pensioenfondsen beleggen momenteel niet meer dan circa een kwart van het hun toevertrouwde geld in aandelen. In de VS en het Verenigd Koninkrijk wordt steevast veel meer in het bedrijfsleven geÔnvesteerd.

Wijers verzet zich verder tegen de dubbele winstbelasting. Ondernemingen betalen 35 of 40 procent vennootschapsbelasting over de behaalde winst. Vervolgens betalen aandeelhouders ook nog eens dividendbelasting over de uitgekeerde winst. Volgens Wijers wordt het beleggen in aandelen en dus in bedrijven hierdoor ontmoedigd. "Pensioenen worden fiscaal bevoordeeld ten opzichte van beleggingen in aandelen", aldus Wijers. "Dat doet geen recht aan een groeistrategie. Als het aan mij ligt wordt de dubbele winstbelasting afgeschaft. Als dat tot minder opbrengsten voor de schatkist leidt, dan moeten we dat maar compenseren door de pensioenen fiscaal wat minder vriendelijk te behandelen."


Tenslotte wil Wijers het vastzittende pensioengeld "loskloppen" door banken en institutionele beleggers toe te staan een groter belang in ondernemingen te nemen. Nu is een maximumgrens gesteld op 10 procent.
Dat is volgens Wijers "te laag". "Ik weet dat er nu gediscussieerd wordt of dat wel voldoende is. Naarmate banken en pensioenfondsen een groter belang in ondernemingen mogen nemen kunnen ze ook meer invloed op de leiding van de betreffende onderneming uitoefenen. Ze zullen daardoor eerder geneigd zijn daadwerkelijk zo'n groot belang te nemen. Ik vind dat daar een politieke discussie over moet komen. You can't have it both ways. Of je wilt zo min mogelijk verknoping van financiŽle instellingen en bedrijfsleven, maar dan moet je ook niet klagen dat financiŽle instellingen weinig geld in bedrijven steken, Úf je wilt dat laatste wel, zoals ik, en dan ben je ook bereid risico's te nemen."

Om het plan te vervolmaken heeft Wijers ook nog wijzigingsvoorstellen voor de arbeidsmarkt: 6. Afschaffing van het minimumloon "Het CDA bepleit nu wat ik al eerder heb voorgesteld. Vervanging van het minimumloon door een soort toeslagsysteem, waardoor iedereen een gegarandeerd recht heeft op het sociaal minimum. Het regeerakkoord wil niet verder gaan dan een dispensatie voor werkgevers om tijdelijk minder dan het minimumloon te betalen. Ik hoop van harte dat het CDA-idee bij de opstelling van een nieuw regeerakkoord een belangrijke rol zal spelen. Nog even los van de partijpolitieke consequenties die dat kan hebben."

Over het ontslagrecht en de algemeen verbindendverklaring van CAO's heeft het kabinet deals gesloten met de sociale partners. Die wil Wijers niet openbreken, al maakt hij er geen geheim van dat ook hier voor een nieuw kabinet mogelijkheden liggen. De door Wijers gewenste vrije concurrentie staat immers haaks op zoiets als het opleggen van CAO's aan ongeorganiseerde werkgevers. En starre ontslagregels ontmoedigen werkgevers meer personeel aan te nemen. Als je ze eenmaal hebt aangenomen, kom je er immers moeilijk meer vanaf.

Met zijn 'Plan voor meer Groei' kruipt Wijers uit de schulp, waarin hij de afgelopen anderhalf jaar gevangen zat. Hij heeft een hekel aan ruzie. En profilering leidt gemakkelijk tot kwade gezichten in het kabinet. "De profileringsdrang in de Kamer is groter dan in het kabinet", zegt Wijers. Een aantal van zijn ideeŽn sluit volgens de D66'er aan bij een breed gevoel dat momenteel binnen het kabinet bestaat. "We hebben de maatregelen van het regeerakkoord bijna allemaal uitgevoerd. Maar het kan niet zo zijn dat we vervolgens stoppen en op de winkel gaan passen. We zitten nog steeds met een hoge werkloosheid. Het gevoel van urgentie, de wil om daar iets aan te doen, bestaat bij iedereen. We zullen daar het komende half jaar binnen het kabinet nog veel tijd aan besteden." Wijers' 'Plan voor de Groei' is een welgemikte voorzet. De rest van het kabinet mag de bal inkoppen. Zodat Wijers weer terug is waar hij vindt dat een D66'er hoort: op de brug, die de andere partijen verbindt.

Onderschrift:

Foto: Minister Wijers: "Middelmaat kunnen we ons niet permitteren." (Foto NRC Handelsblad, Vincent Mentzel)