Slimme bedrijven begrijpen de ethiekbusiness
-Noreena Hertz 23 april 2005 NRC


Steeds meer multinationals begrijpen het belang van ethische bedrijfspraktijken, overal ter wereld.

Vorige week heeft Nike zijn interne onderzoek naar de arbeidsomstandigheden in zijn leveranciersketen gepubliceerd. Opvallend was niet de onthulling dat die arbeidsomstandigheden nog altijd slecht zijn, maar wel dat zoveel multinationale ondernemingen nu serieus investeren in onderzoek naar hun eigen bedrijfspraktijken.

Is het de lobby van niet-gouvernementele organisaties (ngo's) gelukt de grote bedrijven ethisch te maken? Of beginnen de slimste grote ondernemingen de ethiekbusiness door te krijgen?

Het laatste is het geval. Slimme bedrijven hebben begrepen dat rekening houden met de arbeidsomstandigheden bij je toeleveranciers en met de wijze waarop je zelf het milieu belast, en je eigen marktbeleid kritisch bezien, allemaal geen kwestie is van sociaal verantwoordelijk handelen, maar van zo effectief mogelijk je verplichtingen jegens de aandeelhouders nakomen.

Dat er zakelijk gezien veel te zeggen is voor ethisch en milieuvriendelijk handelen, begint pas sinds kort goed duidelijk te worden. Er zijn drie argumenten voor: de gevolgen van verkeerd (of goed) handelen voor je reputatie, de financiŽle risico's van rechtszaken, en het concurrentievoordeel van anticiperen op nieuwe regulering.

Van de legendarische Amerikaanse belegger Warren Buffet is de beroemde uitspraak: ,,Het kost tien jaar om de reputatie van je bedrijf op te bouwen, en je kunt hem in tien seconden verspelen.'' Hoewel de markt voor ethische en milieuvriendelijke producten nog betrekkelijk klein is, raken producten die als `slecht' gelden al wel uit de gunst. Naar schatting verliezen alleen al in het Verenigd Koninkrijk bedrijven 2,7 miljard pond per jaar doordat men hun producten als onethisch beschouwt. Volgens de jongste Europese en Amerikaanse gegevens over de voorkeuren van de consument heeft 67 procent van de kopers weleens om ethische of milieuredenen een product uitdrukkelijk geboycot. Alle voorspellers zien dit als een stijgende trend. De goede naam van je merk behoeden is niet het enige motief voor ethisch handelen. Nieuwe wetten en regels spelen ook een rol. Als gevolg van onophoudelijk lobbyen door pressiegroepen en ngo's in de afgelopen vijf jaar zijn de eerste wetten verschenen die het doen en laten van ondernemingen op regionaal of internationaal niveau aan regels onderwerpen. De Framework Convention on Tobacco Control (Kaderovereenkomst over Tabaksbeperking) is nu door 192 landen geratificeerd. Deze overeenkomst legt strenge beperkingen op aan reclame en sponsoring door tabaksproducenten. De Verenigde Naties ontwikkelen normen voor de verantwoordelijkheden van transnationale ondernemingen met betrekking tot de mensenrechten; normen waardoor bedrijven, als deze normen worden geratificeerd, zullen worden onderworpen aan hetzelfde soort rechtshandhaving als landen.


Bedrijven die vooruitkijken, die zien waar het met de regelgeving heen gaat, besluiten daarop te anticiperen. Daarom eist Sony nu dat zijn leverancier in China niet alleen voldoet aan de Chinese milieunormen, maar ook aan die welke gelden in Europa, waar Sony de meeste van zijn producten verkoopt. Kopstukken van een paar van de belangrijkste multinationale ondernemingen van de wereld - Nike en BP zijn maar twee voorbeelden - hebben publiekelijk opgeroepen tot niet minder maar meer regels voor arbeidsomstandigheden en milieupraktijken. Als de regels er tůch komen, denkt men, laten wij dan meedoen met het opstellen ervan en met het effenen van het speelveld. Waarom zouden wij er allťťn voor moeten opdraaien?

Het gedrag van bedrijven verandert niet alleen doordat ze anticiperen op regulering; ook de toename van het aantal rechtszaken beÔnvloedt het optreden van ondernemingen. In de afgelopen jaren hebben ngo's en pressiegroepen sluimerende juridische kanalen ontdekt en in gebruik genomen om grote ondernemingen tot de orde te roepen. Zo is op het ogenblik bij Amerikaanse rechtbanken een hele zwik zaken aanhangig op grond van de Alien Tort Claims Act. Deze tot dusverre weinig gebruikte wet uit 1789 stelt buitenlanders in de gelegenheid om multinationale ondernemingen in de Verenigde Staten voor het gerecht te dagen. Unocal en Shell zijn twee bedrijven die op grond van deze wet zijn aangeklaagd, beide wegens veronderstelde schending van de mensenrechten, respectievelijk in Birma en Nigeria.

Verzekeringsmaatschappijen, financiŽle analisten en institutionele beleggers houden bij het bepalen van de premies die cliŽnten moeten betalen en van de waarde van een bedrijf in toenemende mate rekening met te verwachten rechtszaken. De sfeer in de zakenwereld verandert. Websites waarop slechte ondernemingen met naam en toenaam aan de kaak worden gesteld, beleven een hausse, en er is aantoonbaar een markt voor tegen bedrijven gerichte films - Supersize Me, de film waarin de producten van McDonald's openlijk werden gehekeld, is de op drie na lucratiefste documentaire aller tijden geworden. Rechterlijke uitspraken met terugwerkende kracht komen eraan - met fast food, geneesmiddelen en alcoholica als mogelijke toekomstige mikpunten.

Tegelijktertijd laten ngo's en pressiegroepen heel duidelijk merken dat zij meer en meer bereid zijn om het voor de rechter tegen grote bedrijven op te nemen, hierin gesteund door het feit dat een groeiend aantal rechtswegen voor hen openstaat. En terwijl steeds duidelijker wordt dat de markt zich niet doeltreffend kan reguleren, begint er op het gebied van internationale regulering lijn te komen in de normen voor arbeids- en milieuomstandigheden.

Ethisch juist handelen kan niet meer beschouwd worden als een extraatje boven op een goede bedrijfsvoering, maar maakt er deel van uit. De slimste bedrijven wachten niet af, maar důťn het gewoon.


Info:

Hoogleraar Global Political Economy aan de Utrecht School of Economics van de Universiteit Utrecht. Auteur van de boeken `IOU' en `De stille overname'