De handelsbalans is een onderdeel van de betalingsbalans van een land. Aan de ontvangstenkant staat de geldwaarde van de export van een land over een bepaalde periode. Aan de uitgavenkant staat de geldwaarde van de import. Het handelsbalanssaldo is het verschil tussen de twee. De handelsbalans vormt meestal het grootste gedeelte van de betalingsbalans.

Maar wat betekent het echt? Als Amerika meer koopt in het buitenland dan het
buitenland koopt in Amerika, dan moet Amerika het verschil betalen in geld:
dollars.

Buitenlanders blijven maar dollars accumuleren, en één van de mogelijke resultaten daarvan is dat ze op een dag allemaal tegelijk beslissen die dollars te verkopen, en dan heb je een dollarcrisis - niet iets waarop je zit te wachten.

Saudi wil beleggen in Amerika, en heeft dus dollars nodig. En dus moet hij iets leveren aan de Amerikanen. En dus, ook, moet hij de resulterende dollars niet gebruiken
om er iets Amerikaans mee te kopen, maar wel om ze bij te houden, en te
beleggen in de Dow Jones, of staatsobligaties, of whatever. buitenlanders enken ddat hun geld beter daar zit dan in hun eigen land. Want als je niet denkt dat je in ruil voor je geld iets kan krijgen, ooit, ergens in de toekomst, dan breng je het er natuurlijk ook niet naartoe.

Belangrijkste reden waarom de koers van de Dollar zakt is gebrek aan vertrouwen in de stabiliteit van de koopkracht van deze valuta. Mogelijke redenen voor gebrek aan vertrouwen in de Dollar zijn: de omvang van de staatsschuld in de VS; de hypotheekcrisis in de VS; tekort op de handelsbalans;

Wat de VS zou kunnen doen om haar handeltekort te beperken is $ 800 miljard op de federale begroting te bezuinigen of met een vergelijkbaar bedrag de belasting te verhogen. Een uitgavenpost waar de VS in 2008 ongeveer $ 600 miljard op kan bezuiniggen is defensie. Andere optie voor de VS is voor- waarden voor verstrekken van kredieten aanscherpen of zorgen dat mensen meer gaan sparen. Alle hiervoor genoemde voorstellen zorgen voor beperking van besteding in de VS en de rest van de wereld. Dit leidt tot een daling van de economie in de VS en de rest van de wereld waar niemand op zit te wachten. De landen met overschot op hun handelsbalans kunnen (hun) economische stagnatie (deels) opvangen door zelf meer te gaan besteden en of de koers van hun valuta ten opzichte van de dollar te verhogen.

De Amerikanen zijn, met nog geen vijf procent van de wereldbevolking binnen de grenzen, goed voor een derde van de totale wereldwijde productie van goederen en diensten. De effectenbeurzen van Wall Street beheersen het dagelijkse klimaat op vrijwel alle andere financiële markten. Amerikaanse regelgeving dringt zich op ver buiten de eigen jurisdictie, samen met de organisatie- en bedrijfscultuur.
De populaire cultuur is een belangrijk deel van het uitvoerpakket. Amerikanen slagen er wonderwel in anderen te laten begeren wat zij zelf lekker en leuk vinden.

In de loop van de jaren negentig is het relatief bescheiden Amerikaanse handelstekort ten opzichte van de rest van de wereld gegroeid tot een gapend gat.
Het is de resulterende onbalans in de wereldeconomie die economen zorgen baart.

Hoe is die onbalans ontstaan? Kopen is vaderlandsliefde in Amerika. De Amerikanen consumeren meer dan zij produceren, zij hebben jarenlang meer geld opgemaakt dan verdiend. Een tijdlang was het verschil tussen inkomsten en besparingen te betalen door de stijgende aandelenkoersen. En toen in 2000 de beurzen aan een langdurige daling begonnen, maakten de dalende rente en de stijgende huizenprijzen het verschil meer dan goed. Na de `beurs-bubble' is nu sprake van een `hypotheek-bubble'.

Het tekort op de handelsbalans en het spaartekort zorgen samen voor een tekort op de lopende rekening van de betalingsbalans dat volgend jaar volgens het IMF oploopt tot een recordbedrag van 450 miljard dollar. De rest van de wereld heeft tot nu toe genoeg vertrouwen in het fenomeen Amerika gehad om de Verenigde Staten te financieren, met een kleine 2 miljard dollar per werkdag. Amerika consumeert, de kruideniers uit de rest van de wereld leveren. Maar wel op krediet.

Door de jarenlange financiering uit het buitenland hebben de Amerikanen een netto buitenlandse schuld opgebouwd die overeenkomt met een kwart van het bruto binnenlands product.

De financiering van het Amerikaanse tekort neemt steeds meer de vorm aan van korter lopend kapitaal. En anders dan directe investeringen die de tweede helft van de jaren negentig binnenstroomden, kan kortlopend kapitaal even snel verdwijnen als het gekomen is. Dat de Verenigde Staten, ondanks het enorme handelstekort, toch voorop blijven lopen bij een verdere slechting van handelsbarrières in WTO-verband

Minstens even belangrijk is de morele positie van de VS. Essentieel onderdeel van het streven naar wereldwijde stabiliteit onder Amerikaanse leiding is het bevorderen van een vrije wereldmarkt en ondernemingsgewijze productie naar Amerikaans model

Het bedrag van 450 miljard dollar waa Oorspronkelijk werd voor de handelsbalans alleen gekeken naar de geldwaarde van de export en import van goederen, doch naarmate de dienstensector in het totaal van het bruto nationaal product een steeds grotere omvang heeft gekregen, en diensten ook steeds meer grensoverschrijdend zijn geworden, is het de gewoonte geworden om export en import van goederen en diensten bij de opstelling van een handelsbalans samen te voegen. Voor de vraag wat het saldo van een handelsbalans is, maakt het geen verschil of de geldwaarde van een bepaalde export nu veroorzaakt wordt door levering van goederen of door levering van diensten.rmee de buitenwereld jaarlijks het Amerikaanse spaartekort aanzuivert, staat gelijk aan de dit voorjaar sterk verhoogde defensiebegroting van de regering-Bush. De kruideniers van de wereld financieren, zo bezien, de VS voor hun eigen bescherming.

Een tekort op de handelsbalans heeft echter wel als spiegelbeeld een overschot op de kapitaalbalans: als land X over het jaar 2003 een tekort van EUR 10 miljard heeft, zal er voor (ongeveer) dat bedrag aan kapitaalimport plaats vinden. Dit zal meestal de vorm aannemen dat buitenlandse beleggers aandelen in bedrijven in land X kopen, of obligaties ten laste van die bedrijven, of staatsleningen van de overheid van land X, of in land X gelegen onroerend goed.
Die aankoop van obligaties kan ook door centrale banken van andere landen geschieden.

Die beleggingen leiden echter tot een stroom van betalingen van land X naar het buitenland, in de vorm van betaling van dividenden op die aandelen en rente op die obligaties, en huren van onroerend goed. En dat is geld dat wel door de binnenlandse economie van land X moet worden opgebracht, doch niet in land X kan worden uitgegeven, en daarmee (op termijn, en indien een tendens van handelstekorten niet wordt omgebogen) tot een druk op de conjunctuur van land X. Een steeds groter deel van het nationale inkomen zal immers moeten worden besteed aan de betaling van die dividenden, coupons en huren.

Indien een land een tekort op zijn handelsbalans wil reduceren, kan een (beheerste) depreciatie of devaluatie van de valuta van dat land daarbij behulpzaam zijn. In dat geval worden goederen en diensten van dat land aantrekkelijker op de wereldmarkt, waardoor de concurrentiepositie verbetert, en de exporten kunnen toenemen

Indien over een langere periode een handelstekort bestaat, leidt dit tot een verslechtering van de netto-vermogenspositie van dat land
. Dit kan risico's met zich meebrengen indien, door welke aanleiding dan ook, er plotseling op de internationale financiële markten twijfel ontstaat aan het vermogen van dat land om (op lange termijn) aan zijn verplichtingen te voldoen. Er zou dan een "vlucht" kunnen ontstaan, waarbij elke marktpartij (zoals banken en institutionele beleggers) zo snel mogelijk zijn in die valuta luidende beleggingen wenst te verkopen. Een dergelijke onevenwichtige markt zou kunnen leiden tot een scherpe daling van de koers van de betreffende valuta, hetgeen zou kunnen leiden tot een sterke renteverhoging. Dit zou alsdan een negatief effect op de conjunctuur in het betreffende land hebben, met mogelijk "uitstralingseffecten" op de mondiale conjunctuur. Tevens zou de internationale handel geschaad kunnen worden. Naarmate een bestaand patroon van handelsbalansonevenwichtigheden langer blijft bestaan, neemt de kans op een dergelijk negatief scenario toe. De omvang van het Amerikaanse handelstekort heeft bijvoorbeeld geleid tot talrijke waarschuwingen, onder meer van het IMF

Beleggers en analisten zien een groot handelstekort als een risico. Critici eisen maatregelen van de Amerikaanse regering. Een hoog handelstekort betekent dat Amerikaans geld aan buitenland goederen wordt uitgegeven. Als dat geld in Amerika zou worden uitgegeven zou dat goed zijn voor de Amerikaanse economie.

Exogene variabelen (variabelen bepaald buiten het model om):

1. Wereldhandelsprijs prijs in Euro (wisselkoers)

2. Relevante wereldhandel volume

3. Rente

Gedrag van sociale partners:

4. Loonvoet bedrijven

Beleidsvariabelen:

5. Loonvoet overheid

6. Werkgelegenheid overheid

7. Overheidsinvesteringen

8. Overheidsconsumptie+investeringen

9. Indirecte belastingen van bedrijven

10. Directe belastingen van bedrijven

11. Directe belastingen van huishoudens

12. Inkomensoverdrachten om niet aan gezinnen

13. Emigratie

Overige variabelen:

14. Bruto investeringen bedrijven

15. Waarde consumptie gezinnen

16. Consumptieprijsmutatie (inflatie)

17. Werkgelegenheid bedrijven

18. Uitvoer goederen en diensten

19. Uitvoerprijsmutatie