Leven zonder groen kan niet

ITE R‹MKE 16 SEPTEMBER 1995 NRC

In de stad leven niet alleen mensen en auto's. Het wemelt er van de dieren: reigers, ratten, wespen, vleermuizen. Er groeien allerhande bomen en struiken, bijzondere en doodgewone planten. Er is, kortom, veel natuur in de stad. Acht afleveringen, dit is de laatste.

"Natuur is voor tevredenen en legen", luidt de eerste regel van een van de mooiste en bekendste gedichten van J.C. Bloem. "Geef mij de stedelijke wegen", overdenkt hij op een regenachtige morgen, "domweg gelukkig in de Dapperstraat".

"Dat de stad juist niets met natuur van doen moet hebben, dat je maar buiten moet gaan wonen als je zo van natuur en beesten houdt, dat gevoel is op zijn retour", zegt Peter Kollee, medewerker van het bureau Stadsecologie Amsterdam. "Stedelingen van nu herkennen zich daar niet meer in." Het bureau Stadsecologie is drie jaar geleden opgericht als onderdeel van de dienst Stedelijk Beheer met als doel te komen tot een stadsecologisch natuurbeleid voor de gehele stad. Er zijn vijf medewerkers, onder wie de schrijvers van het boek Haring in het IJ, de verborgen dierenwereld van Amsterdam. Zij hebben onder andere een nota over de ecologische structuur van Amsterdam geschreven, een 'basisnota' flora en fauna, en een 'aanzet' databestand flora en fauna die uiteindelijk moet uitmonden in een Ecologische Atlas Amsterdam. Daarin moeten alle gegevens staan die van belang zijn voor het behoud van de hoofdstedelijke planten, bomen en dieren.



Kollee: "Er werd en wordt bij ecologie vooral gedacht aan biologie. Maar je moet het begrip ruimer zien." Tijdens colleges over zijn vak stond hij altijd stil bij de geschiedenis van de stad. Hoe die evolueerde van een verdedigingsbolwerk, van de plek waar geld en macht bij elkaar kwamen, waar handelsmonopolies golden en de kwaliteit van de omgeving geen rol speelde, naar de stad zoals we die nu kennen, waar de woonfunctie opnieuw wordt gewaardeerd.



"Een paar decennia geleden hoorde je dat het gedaan zou zijn met de grote stad, maar dat is helemaal niet het geval. De samenballing van mensen, van kennis en cultuur biedt zoveel voordelen. Maar leven zonder groen kan niet. Ook in de stad geldt nu de kwaliteit van het milieu en is er een interactie tussen mensen, planten en dieren. Daarover gaat stadsecologie."



'Macht' in de zin van beslissingsbevoegdheid heeft het bureau niet. Hun invloed doen zij zoveel mogelijk gelden door gevraagd en ongevraagd beleidsadviezen te geven aan de wethouders van de centrale stad en aan die van de stadsdelen. "Stadsnatuur is natuur die zich spontaan voordoet, en die trekt zich nu eenmaal niks aan van deelraadsgrenzen, netzomin als van grenzen met buurgemeenten als Diemen of Amstelveen." In Amsterdam is het inmiddels beleid geworden de 'ecologische structuur' van de stad te beschermen; alle open groene ruimtes met hun verbindingen naar landelijke gebieden - waardoor bijvoorbeeld een vos van Spaarnwoude naar het Westerpark kan lopen, en terug.



Ook stadsecologen in andere steden hameren er binnen hun gemeentes op dat parken en plantsoenen corridors moeten hebben naar landelijke gebieden. "Ecologische uitwisseling is belangrijk voor de overleving van soorten", zegt Vincent van Laar, van het Centrum voor Natuur- en Milieu-educatie in Amersfoort. Hij vindt dat ontwerpers, uitvoerders en beheerders vaak nog 'te afwerend' omgaan met natuur. "Het moet deel worden van hun technische opleiding. Natuurlijke elementen worden slecht gebruikt, terwijl veruit het meeste een verrijking van de omgeving is."



De medewerkers van het Amsterdamse bureau hebben het initiatief genomen ook in projectgroepen te zitten die grootstedelijke projecten voorbereiden, zoals IJburg, waar een deel van het IJmeer moet wijken voor woningbouw. "Op de plek zelf doen we voorstellen om de kwaliteit van het groen en het water te behouden. En ten tweede kijken we of en hoe wat verloren gaat gecompenseerd kan worden."



Het moet met het werk van Stadsecologie gaan zoals met dat van emancipatie-commissies. Zo gewoon als het is geworden dat iedereen aan vrouwen denkt bij het vervullen van welke functie ook, zo vanzelfsprekend moet het worden dat bestuurders de openbare ruimte niet alleen vanuit een technisch en economisch oogpunt bekijken maar ook de natuur erbij betrekken. Zover is het nog lang niet. "Het is mijn geloof dat mensen zich prettiger voelen in een buurt waar bomen en groen zijn en vogels, en waar ze in het park eekhoorntjes kunnen zien. Maar de instrumenten ontbreken om de samenhang tussen het welzijn van de stadsbewoners en natuur in de buurt te meten. Verbondenheid met de natuur is een subjectief gevoel."



Van de erkenning van dat gevoel gaat het bureau uit. "Dat bewoners in opstand komen als een boom moet sneuvelen voor kabels en leidingen, vinden andere diensten al gauw onzin. Ons bureau draait het om: hoe ouder de boom, hoe meer gehechtheid. We voeren een kruistocht tegen de instrumentele benadering van het groen, want stadsnatuur is meer dan een aardig decor." Gelukkig komt het nog maar zelden voor dat een groen- of plantsoenendienst (tot verdriet van de gebruikers en misschien niet eens uit onverschilligheid maar meer bij gebrek aan financiŽle middelen) eens in de vijf jaar een heel plantsoen kaalplukt en er wat nieuwe planten en struiken inzet. "Dat komt mede door de stadsdelen", zegt Kollee, "Het lokaal bestuur moet luisteren naar wat de buurt wil."



Plantsoenen moeten er niet 'gladjes' uitzien en in de stad moeten er voldoende veldjes en terreinen zijn waar het een beetje een woestenij is. Waar opgroeiende kinderen wild en creatief kunnen spelen en zo hun wereld kunnen ontdekken en vormgeven. En wat is lekkerder voor kleine kinderen dan om met steentjes en takjes te kunnen spelen, en te wroeten in de modder?



De stadsecologen die ik voor deze serie sprak hadden het allen over het belang van stadsnatuur voor het kind. Vincent van Laar: "Sommige ouders worden er paniekerig van, die roepen: 'pas op 't is vies' als een kind buiten op die manier bezig is. Of ze maken het bang voor bepaalde dieren, gebruiken het beest als boeman. Maar het is goed als kinderen al jong met natuur in aanraking komen en ermee leren omgaan. Dat ze natuur leren zien als een geheel, waarin alles en iedereen zijn eigen plekje heeft."



Onderschrift: Foto: Vondelpark, Amsterdam Foto Pim Ras

Trefwoord: Natuurbeheer; Natuur en Milieu

Organisatie: bureau Stadsecologie Amsterdam

Persoon: Peter Kollee