Groot zoetwatermeer onder basis Vostok op Antarctica
 



Er zijn sterke aanwijzingen dat zich onder het kilometersdikke ijs van Antarctica een reusachtig waterreservoir bevindt met een oppervlak van zo'n 10.000 km en een diepte van meer dan vijfhonderd meter. Op de laatste bijeenkomst van de internationale Scientific Comittee on Antarctic Research (SCAR) in Rome (29 aug.-2 sept.) heeft de Russische hoogleraar dr. Andrej Kapitsa bekend gemaakt dat herbestudering van Russische seismische gegevens uit de jaren zestig een bevestiging opleverde van recent Brits onderzoek waaruit zou blijken dat 3700 meter onder de Russische basis Vostok een meer te vinden is van de orde van grootte van het Bajkalmeer, het grootste zoetwatermeer op aarde. Als de theorie klopt kan hieruit waarschijnlijk binnen vier à vijf jaar een monster worden genomen. 'Lake Vostok' bevat waarschijnlijk de grootste hoeveelheid onvervuild water die op aarde te vinden is.

Dat zich boven horizontale delen van de ondergrond onder het dikke zuidpool ijs grote hoeveelheden water kunnen bevinden die uit geothermisch opwarming van het bovenstaande ijs zijn ontstaan is in de jaren vijftig al op grond van theoretische overwegingen geopperd. De eerste praktische aanwijzingen verzamelden onderzoekers van het Scott Polar Research Institute (onderdeel van de universiteit van Cambridge) in 1975 met radio-echo onderzoek vanuit een Amerikaans vliegtuig. De resulaten werden in 1977 gepubliceerd in de Proceedings van de Royal Society, bevestigt dr. Gordon Robin, destijds directeur van het instituut, desgevraagd.

Radarhoogtemetingen van de Europese satelliet ERS-1 gaven in 1992 nieuwe steun aan de theorie. Toen vorig jaar november tijdens een workshop in Cambridge over het onderwaterreliëf van Antarctica dit radarmateriaal ter sprake kwam herinnerde Kapitsa (die 'gewoontegetrouw' was uitgenodigd) zich zijn seismisch onderzoek uit 1964. Dat had onverklaarbare echo's opgeleverd die achteraf goed bleken te passen in het beeld dat de Britten schetsten.

De lezing die Kapitsa twee maanden geleden tijdens de SCAR-vergadering hield wekte groot enthousiame, vooral van de zijde van biologen die hopen op resten van archaïsch leven in het water van Lake Vostok. Door de lage temperatuur, het ontbreken van licht en afwezigheid van een goede koolstofbron zal dat overigens waarschijnlijk vooral bacterieel van aard zijn.

Een gelukkige omstandigheid is dat vanaf station Vostok al een boorgat naar een diepte van 2700 meter loopt. Dat leverde de vermaarde Vostok-ijskern die in de broeikasdiscussie een centrale rol speelt (omdat het ijs aanwijzingen geeft over temperatuur en atmosfeersamensteling van de afgelopen 160.000 jaar). Vanuit het bestaande gat zou nog maar zo'n duizend meter verder geboord hoeven te worden om aan de rand van het meer uit te komen.

Minder gelukkig is dat station Vostok inmiddels is verlaten en dat het boorgat vol staat met een boorspoeling (drilling fluid) die door Moscow News als een mengsel van kerosine en fluoriet wordt omschreven. De vloeistof moet dichtvloeien en dichtvriezen van het boorgat voorkomen maar zou in één klap een unieke watervoorraad bederven als op conventionele wijze zou worden verdergewerkt. Begin volgend jaar zullen op een workshop in Moskou strategieën worden ontwikkeld voor een veilige benadering van het meer.